Nóg een bijzonder stukje Torun…

Met onze tour heeft het weinig te maken… maar naast ons hostel ligt een recent geopend museum dat de ontwikkeling van de techniek ten grondslag heeft. Dat Torun de geboorteplaats van Kopernicus is, heeft daar ongetwijfeld veel mee te maken… We mogen er even een kijkje nemen. Meer dan 60 duizend mensen, voornamelijk kinderen, gingen ons sinds de opening in oktober 2013 vóór.
Zowel ons hostel als het museum zijn gevestigd in eeuwenoude, gigantische graanhallen/fabrieken. Die stonden geruime tijd leeg, nadat ze eerder al in capaciteit fors hadden moeten inleveren omdat de Sovjets bij het verlaten van Polen na de Tweede Wereldoorlog vrijwel alle machines uit de panden meenamen.

Oog in oog met Pools Dopers verleden

Met twee medewerkers van het Ethnografisch Museum en Jagna Wajda (die de relatie tussen Torun en Nederland – en dan specifiek zusterstad Leiden onderhoudt) bezoeken we een voormalig Doopsgezind Kerkje, op de weg naar het Openlucht Museum in Mala Nieszawka. Het kerje is één van de weinige doperse onderkomens met een stevige toren. Daarna bekijken we met de projectleider van het museum de eerste twee, nog in opbouw zijnde typische Doopsgezinde gebouwen die naar het 5 hectare grote landstuk zijn verscheept. Er komen er uiteindelijk drie, aangevuld met allerlei andere objecten die herinneren aan de tijd dat de zuidoever van de Wyszla door Mennisten werd bewoond. Volgend jaar moet het park open. Dan zal ook het kerkhofje dat er ligt, grondig zijn opgeknapt. De grafstenen waarop nog namen herkenbaar waren, zijn tijdelijk veilig opgeslagen. Voordat er een hek rond het grondstuk werd gezet, was er sprake van veel vandalisme. Het kerkhofje heeft altijd op deze plaats gelegen, de drie verschillende typisch Hollandse boerderijen/woningen komen van elders uit de buurt. Men schat dat er zeker 100 graven op het kerkhof te vinden zullen zijn.

Het best bewaarde geheim van Polen: Torun

Torun, of Thorn zoals de Duits-taligen zeiden, is een goed bewaard geheim – concluderen we, als we verder de eeuwenoude stad bekijken. We bezoeken het raadhuis, dat veel méér was in het verleden dan slechts een besturend orgaan. Er werd in en rond het gebouw handel gedreven, gemarteld en gevangengezet, recht gesproken en  waar verkocht. Nu is het een museum.
De grote kerk, ooit katholiek, toen lange tijd Lutheraans en daarna weer katholiek, maakt diepe indruk. Het is er ouderwets donker. Achter een afbeelding van Jezus aan het kruis vinden we schilderingen over de angsten die scheepslui hadden op hun zeilvaarten tussen Polen en Nederland over ‘zeemonsters’…
We bezoeken verder de scheve toren (waar je volgens overlevering vrij van zonden was als je met de hakken tegen de muur en de armen vooruit gespreid tóch niet omviel – als je een vrouw was. De toren waar heren werden getest, stond ook scheef maar dan de andere kant op… ze konden ‘liggend de was doen’ 🙂
Michal had ze ons al laten proeven, maar de geur van de lokale gember-/peperkoekjes (in het Duits zeggen we Lebkuchen) in de winkel is bijna niet te weerstaan…

De archieven!

In het stadsarchief krijgen we een opzienbarend inzicht in de handel en wandel van Nederlanders in Torun. Veel is bewaard gebleven: contracten waarbij grond kon worden gepacht, goedgekeurde ‘regelementen’ waarmee de Hollanders hun eigen democratisch bestuur konden uitoefenen, aktes waarin was vastgelegd hoeveel Mennonieten waar woonden, en wie. De plaatselijke krant schuift aan, een radioverslaggeefster van het regionale station meldt zich alvast per telefoon.

 

Meer over ons hostel…

Het duurt nog even maar dan opent het gemeentelijke hostel waar wij verblijven, de deuren. Het management wil ons graag vertellen van hun avontuur: een eeuwenoude graanverwerkingsfabriek, die al jaren leegstaat, omtoveren tot een bruisend onderkomen voor groepen die elkaar hier, voor een redelijke prijs kunnen ontmoeten. We wisselen cadeaus uit (T-shirts tegen stroopwafels) en zeggen veel toekomst te zien voor het pand. En dat ís ook zo. Straks, als alles af is, is dit een perfecte plaats om met groepen vakanties, workshops, conferenties te beleggen. Er komt een internetcafé, een theater- annex sportruimte, werkkamers, vergaderzalen en een restaurant. En er zullen fietsen beschikbaar zijn!

Via Neukölln naar Torun

In Berlijn bezoeken we Martina Basso, pastorin van het Doopsgezinde Vredescentrum (oftewel Mennonitisches Friedeszentrum Berlin) samen met Marius van Hoogstraten. Ze vertellen over hun werk, specifiek dat in de ‘probleem’wijk Neukölln – met 150 verschillende nationaliteiten als inwoner. We ontbijten gezamenlijk bij een Turks ontbijtrestaurant en praten daarna in het Gemeindezentrum St. Eduard uitvoerig over vredeswerk en interculturele communicatie… Dan wordt ‘t tijd om Polen op te zoeken.
Eenmaal over de grens, tijdens een stop bij MacDonalds, wordt gretig gebruik gemaakt van een snelle internetverbinding en zoeken we alvast contact met Michal Targowski. We worden door hem opgevangen aan de rand van Torun, en rijden we naar ons hostel: een oud, maar van binnen gloednieuw gebouw waar nog hard gewerkt wordt. ‘t Is nog niet open! We mogen het uittesten: voor niets 🙂

Presentatie EUmen.net-project in Berlijn

Op woensdagavond 23 juli organiseerde de Mennonitische Gemeinde Berlin een gezamenlijk eten met leden van de kerk en de Menno-tourders… Het is ook in Berlijn hoog zomer – en vakantietijd: dat was merkbaar aan het aantal deelnemers. Maar hun enthousiasme was er niet minder door. Na de maaltijd was het aan ons om een uiteenzetting te geven van het EUmen.net-project en uitleg te geven over de tour. Eindelijk konden we onze beamer gebruiken… De vragen waren interessant – en het aantal tips voor de rest van de tour ook.

“Want wellicht heeft onze traditie wel iets te bieden…”

MH17


Onze reisorganisator Karel Blanksma (zij regelde alle afspraken, onderhoudt het contact met de personen en instanties die we bezoeken) houdt ook óns tijdens de reis op de hoogte. Woensdag 23 juli was een heel bijzondere dag in Nederland – en ze stelde ons er als volgt van op de hoogte.

Prachtige woorden Karel, dankjewel,en ook voor al het werk dat je voor ons verrichtte.

Met Karel’s toestemming delen we graag haar verhaal.

“Vandaag hebben we voor het eerst sinds 1962 (de begrafenis van Koningin Wilhelmina) een nationale rouwdag meegemaakt. De eerste 40 slachtoffers van de ramp zijn onder toezicht van de Koning, koningin en leden van het kabinet ontvangen en begeleid naar Hilversum. De komende dagen zal er tussen 16.00 uur en 20.00 uur nog meer slachtoffers van de vliegtuigramp op deze manier naar Hilversum worden gebracht.

Er leven veel vragen rond de toedracht van de ramp. Het is een feit dat dit is gebeurd in een gebied waar oorlog is. We hebben de beelden gezien van een gebied waar mijnwerkers de lichamen en lichaamsonderdelen verzamelden. Wat een moed! We zagen dat persoonlijke bezittingen zijn verzameld en/of meegenomen. Ook zagen we inwoners (vrouwen) hun condoleances geven, ze legden bloemen. Mensen uit Donjetsk zagen lichamen op hun dorp vallen.

Hoe is dat om te ervaren? Kortom: het is een grote warboel van ervaringen en impressies. Voor ons hier is het in ieder geval duidelijk dat de zwaarte van het ongeluk bepaald is door het oorlogsgebied (het neerhalen) en dat daardoor de spanning in Europa stijgt. De nationale rouwdag betekende een eerbetoon aan de slachtoffers van de vliegtuigramp in oorlogsgebied. Dit in tegenstelling tot de beelden die we zagen: het ruimen van de lichamen, het gesol daarmee, geen toegang geven tot de waarnemers… Half Europa denkt dat de separatisten ons vliegtuig aanzag voor een gevechtsvliegtuig. Rusland denkt echt dat het de Oekraïne is samen met de VS. Het politieke steekspel is begonnen.

Ondertussen komt de realiteit dichterbij. Vandaag hoorde ik dat één van mijn collega’ s haar ouders heeft verloren bij deze ramp. In Haarlem een gezin. Overal in Nederland zijn er wel ‘vrienden van of familie van’ de slachtoffers.
En als het gaat om oorlog, dan gaat die gewoon door. Ook in Israel en Gaza. En waar kunnen we dan iets betekenen, zonder geweld? “Broederschap” zegt Ter Louw. Ook Koning Willem Alexander heeft zich in die richting uitgedrukt.
Hoe dan ook, ik weet zeker dat achter elke oorlog een economisch en sociaal dilemma zit. Wat te doen daarmee? Liggen daar geen sleutels? In onze traditie zeker wel.

Voor de nabestaanden geeft het nu inderdaad rust te zien dat de lichamen goed en zorgvuldig worden behandeld. Maar in hoeveel landen is dat helemaal niet het geval? Een ding weet ik zeker. Deze ervaring zet Nederland even op z’n kop. En dat is ook goed. Onze hang naar het individuele wordt op de proef gesteld. Termen als ‘ zelfredzaamheid’ gaan in rook op bij deze ervaring. We hebben elkaar nodig, dat is de uitkomst. Hoe rijk of arm je ook bent.

Ik hoop voor onze reis dat de spanning niet stijgt in Polen en in de Oekraïne. Dus reisgenoten, blijf geloven in jezelf, in Doopsgezinde wortels, straal dat uit en dan komt er vast iets bijzonders uit. Want wellicht heeft onze traditie wel iets te bieden.”

 

Nieuwsbrief 4 – 28 juli

Beste Tourvolgers!

We wilden al eerder schrijven… maar we zijn nu zelf ‘on tour’ – en tjonge, dat is hard werken (en genieten)!
Inmiddels hebben we noord Duitsland achter de rug en zijn we in Polen beland. We zijn op stap om Doperse dingen te ontdekken, Doperse mensen te ontmoeten en verbindingen te leggen. Nou, dat blijkt in de praktijk niet moeilijk, dat gaat helemaal vanzelf… als je maar bij de mensen aan huis (of kerk) komt. (“We” zijn: Helmich de Vries, Henk Freie, Aart Hoogcarspel, Karin Janze, Sonja van Berkum, Janneke, Jasper Pondman en ondergetekende).

Na onze uiterst ‘warme’ tocht langs Noord Nederlandse pleisterplaatsen, wisselden we van taal in Emden waar we verbleven in een zeer comfortabel gastenhuis boven de kerk. We kregen er uitvoerig ‘onderwijs’ in het Mennistendom in vele eeuwen voor de onze, in de Johannes a Lasco bibliotheek en de kerk in Norden (beide het bezoeken waard!)

Emotioneel
In Hamburg stond ons een nieuw kennis-offensief te wachten, maar dan van het meer emotionele soort. We verbleven bij gastgezinnen die veelal oorspronkelijk afkomstig waren uit wat zo mooi eufemistisch ‘Oost Pruisen’ (nu Polen) heet. We hoorden hartverscheurende verhalen over de vlucht naar het westen, moeders van 25 die zich ‘vuil’ schminkten en in oude, te wijde zwarte kleren verstopten zodat ze niet opvielen bij Pool of Rus, families die uit elkaar gerukt werden, broertjes die naar Amerika ver-adopteerd werden.
Kennelijk nodigde onze komst bekentenissen uit: we kwamen immers verhalen halen en verbindingen leggen… Het is wellicht makkelijker je verhaal te vertellen aan een vreemde, die toch vertrouwd is.

Koude kleren
Te midden van deze emotionele achtbaan bereikt ons dan ook het bericht van het afschuwelijke lot van MH17: sommigen van ons hebben (in)direct kennis van slachtoffers. Het gaat ook ons niet in de koude kleren zitten.
We worden er natuurlijk ook over geïnformeerd door het thuisfront en krijgen een mail, die we zó waardevol vinden dat we ‘m als column op ons weblog hebben gezet.

Dromen
Zowel in Hamburg als later in Berlijn treffen we jonge, net aangestelde dominees: Isabell in Hamburg, Joel in Berlijn. Dat spreekt de jongeren in onze ploeg aan – en er worden dromen gedroomd, plannen in de grondverf gezet. (In Torun logeren we in een nog niet geopend hostel – we mogen het gratis uittesten – dat de dromen over internationale zomerkampen alleen maar verder voedt… ze hebben er fietsen, een sport- en theaterruimte, een internet café met pool-biljart en werk- en conferentieruimtes…)

Net als thuis
Als we dan de grens met Polen over zijn, verandert het karakter een beetje. Doopsgezinden komen we er niet meer tegen. Maar wel uiterst gastvrije mensen, die een enorme belangstelling voor hun eigen – en daardoor ook onze geschiedenis hebben. Tjonge, wat zijn sommige delen van het land identiek aan ons eigen landschap! Hier hebben duidelijk Mennisten geboerd: ze wisten het water buiten te houden, het land te ontginnen en huizen te bouwen. Het is een feest hier rond te kijken.

Zwarte bladzij
Ook hier vinden we weer verbindingen… Jazeker, de militaire academie in Chelmno, broedplaats voor menig succesvol Poolse generaal, werd gebouwd met het geld dat de Mennisten generaties-lang afdroegen om zelf niet in dienst te hoeven. Het was zo’n vanzelfsprekendheid geworden om niet te hoeven dienen, dat geweldloosheid geen gespreksthema meer was in Mennistenfamilies, hoorden we in noord Duitsland.
Daarom zouden ook zoveel Mennisten in Polen, of Oost Pruisen, zich hebben laten verleiden om uiteindelijk dienst te gaan doen onder het Hitler bewind.
Deze zwarte bladzij raakt steeds meer in de belangstelling van de Doperse gemeenschap en is onderwerp van onderzoek.

Etnisch, niet religieus
Feit is dat we van onze Poolse partners tussen de regels door horen dat Poolse wraakgevoelens ten opzichte van Mennisten, kort na de oorlog, niet geheel onbegrijpelijk waren. Feit is ook dat Polen nú een groeiende belangstelling hebben voor de invloed van de Mennisten op hun eigen (planologische, agrarische) ontwikkeling. De meeste Polen die íets weten van de Doperse geschiedenis, denken dan vooral aan een etnische gemeenschap, Hollanders: religie speelt daarbij een mindere rol, die kent men niet.

Afijn, we delen folders uit waar we kunnen, om onszelf te verklaren… en nemen foto’s. Volg onze avonturen via ons weblog: alle foto’s worden nu eerst op ons weblog geplaatst: de link naar deze bijdragen wordt vervolgens op Facebook geplaatst.

We hopen dat ons verslag in plaatjes voldoende inzicht geeft. En we hebben al bedacht: na deze tour gaan we bekijken hoe we een compacte aanbieding kunnen maken van de (deel)routes die wij hebben afgelegd, om later eens zélf te doen.
En we denken aan een nieuw Doopsgezind kookboek: we kwamen voldoende interessante gerechten tegen – hebben recepten verzameld…
Voor nú: denk aan Polen als reisbestemming… Wat is dát land opgeknapt, wat heeft ‘Europa’ hier een groot verschil gemaakt!
… Vind ik,
uw Menno Tour Europa social media verslaggeefster,
Marijke Koeman 🙂