Opening ‘Olenderski’ openluchtmuseum in Polen

Hollanders of Mennonieten of geen van beiden?     Door Antoinette Hazevoet        Mei 2018


Op uitnodiging van het Etnografisch Museum in Torun reisden Anne de Jong en ik op 12 mei naar Polen om de opening van het ‘Olenderski’ openluchtmuseum in Wielkiej Nieszawce, voorheen (Groot) Nessau, bij te wonen. In dit park is een aantal historische boerderijen: woonhuizen, stallen en schuren bijeengebracht, afkomstig uit nederzettingen in de delta en uiterwaarden van de Wisla (Weichsel) en van andere rivieren. Het park is onderdeel van het Etnografisch Museum.

Bouw eerste object openluchtmuseum Wielkiej Nieszawce. 2013

Al sinds 2013 ben ik betrokken bij de ontwikkeling van dit museum. Tijdens het eumen.net project kwamen Kees Knijnenberg en ik ermee in contact. Zo waren wij getuige van de bouw van het eerste object in het park, een boerderij uit Gutowo, uitgevoerd in wat wij nu zouden noemen blokhut-bouw.

-klik op de foto voor een grotere afbeelding-

De naam ‘Olenderski’ (Hollands) Park Etnograficzny, verwijst naar nederzettingen uit de 16e eeuw door Mennonieten uit Holland. Zij zetten de toon voor de manier waarop drassige uiterwaarden werden ontwikkeld tot vruchtbare landbouwgrond. Later werd de naam ‘Olender’ een algemene term voor nieuwe nederzettingen langs rivieren, ongeacht of de bewoners Hollander of Mennoniet waren. Zelfs in het noorden van Oekraïne zijn verwijzingen naar ‘Olender’ nog terug te vinden in straat- of plaatsnamen.

Reis met ‘hobbels’

Margarita Unruh-Zuganoy in een emotionele speech over het verleden van haar en haar Mennonieten familie

Ik was uitgenodigd voor de officiële opening van het park, op Hemelvaartsdag, maar kon daar helaas niet bij aanwezig zijn. In Frankrijk op de MERK had ik verplichtingen die ik liever niet wilde afzeggen. Uiteindelijk besloot ik het verblijf op de MERK in te korten en samen met Anne naar het aansluitende feestelijke openingsweekend in Polen te gaan. Het bestuur van de Doopsgezinde Stichting Nederland-Polen was eveneens uitgenodigd voor de officiële opening, maar ook zij waren verhinderd. Wij zijn hen veel dank verschuldigd voor de financiële hulp die zij boden om onze reis naar Polen mogelijk te maken. Als vanzelfsprekend nam ik in Polen een deel van de vertegenwoordiging van de Stichting waar. Gelukkig waren de Mennonieten tijdens de officiële opening wel vertegenwoordigd, namelijk in de persoon van Margarita Unruh-Zuganoy uit Duitsland, lid van de Mennonitische Arbeitskreis Polen.

Opening op 10 mei door onder anderen ambassadeur Ronald van Dartel

Tijdens het feestelijke openingsweekend werd er voor mij en Anne een speciale ontvangst geregeld. Directie en staf van het museum wilden per se iets terugdoen voor de hulp die sinds 2013 door de Nederlandse Doopsgezinden is geboden. Dit betrof met name informatie over geloof en dagelijks leven van de Mennonieten.
Michal Targowski, historicus van de Copernicus Universiteit in Torun, is degene die ons indertijd op het spoor van dit museum bracht. Hij was vanaf 2012 een van de partners van het eumen.net project, waarvoor hij zich ongelooflijk verdienstelijk heeft gemaakt. Inmiddels is hij een trouwe vriend. Nog steeds is hij betrokken bij het onderzoek voor het openluchtmuseum. Hij was het dan ook die ons op zaterdagochtend, heel vroeg, ophaalde van de Luchthaven Chopin in Warschau.
Na een autorit van drie uur, checkten wij in vlak bij het openluchtmuseum, in het ‘Olender’ Hotel.
En na een korte pauze kwamen we aan bij het park, waar Hubert Czachowski, algemeen directeur van het Etnografisch Museum in Torun, ons op wachtte.

Het was prachtig weer en de belangstelling voor het feestelijke openingsweekend was overweldigend. Ondanks al deze drukte werd er tijd vrij gemaakt om ons apart rond te leiden.
Zo kreeg ik de gelegenheid om Hubert Czachowski persoonlijk te feliciteren met de opening van het park, mede namens de Doopsgezinde Stichting Nederland-Polen. Helaas kon Ania Maslak, de kersverse directeur van dit openluchtmuseum, er niet bij zijn omdat haar hulp dringend nodig was voor het houden van toezicht bij alle drukte. Met haar en Ewa Tyczynska, de twee architecten en stuwende krachten achter de verwezenlijking van het park, heb ik de afgelopen jaren veel contact gehad. Ook Ewa kon zich niet apart vrijmaken maar wij ontmoetten haar tijdens de rondleiding. Gelukkig kreeg ik op zondag gelegenheid om Ania te feliciteren met deze kroon op het werk.
Saillant detail: alle rondleiders en suppoosten droegen een oranje shirtje om het ‘Olender’ aspect te benadrukken. Zowel Anne als ik moesten na afloop bekennen dat deze link ons totaal was ontgaan.

Alle gebouwen in het 5 ha grote park, zijn origineel. Balk voor balk, steen voor steen zijn ze afgebroken en op het museum-terrein herbouwd. Ontbrekende en slechte delen zijn vervangen. Elk gebouw belicht een specifieke periode of heeft een thema.

Bepaling van lokatie

De opgeknapte begraafplaats, in het park: met Hubert Czachowski, Michal Targowski

De aanwezigheid van een Mennonieten begraafplaats is mede bepalend geweest voor de keuze van de locatie voor het openluchtmuseum. Ook het naburige houten kerkje in Mala Nieszawce, heeft hierin een rol gespeeld. Dit kerkje, herbouwd in 1890, was al sinds 1778 het kerkje van de Mennonieten. Tegenwoordig is het in gebruik bij de Katholieke parochie.
De situering in de uiterwaarden langs de Wisla, op de plaats waar vroeger twee eilanden in de rivier lagen, heeft ook mede de locatie bepaald.
Al in 1906 stelde Bernhard Schmid, de toenmalige directeur van het Etnografisch Museum in Torun, voor, om op deze plek een openluchtmuseum te bouwen. Dit kwam echter niet op gang en na een paar jaar brak de eerste wereldoorlog uit. Helaas zijn in de decennia daarna vele potentiele objecten voor het open luchtmuseum verloren gegaan.

De gebouwen
De entree van het museum is gevestigd in een boerderij uit Gutowo, daterend uit ongeveer 1800. In deze boerderij wordt de geschiedenis van de Hollandse nederzettingen nabij Torun, via infopanelen toegelicht.

De twee eilanden in de vroegere loop van de Wisla

Rond 1570 vestigde men zich nabij Torun op twee eilanden in de Wisla onder de naam Nessau (Nieszawca). Het waren zowel Mennonieten als andere Protestanten en ook Katholieken. Al deze denominaties waren niet welkom in de naburige stad Torun, waar de Lutheranen de macht hadden.
De nieuwkomers werden tegengewerkt en verketterd.

Excuses voor wrede onderdrukking
In 2016 is door de Copernicus Universiteit van Torun een Congres georganiseerd onder de naam: ‘Olenders our close and alien neigbours’. Hiervoor werd ik, samen met Pieter Post (predikant te Heerenveen) en Hajo Hajonides (Internationaal Menno Simons Centrum) uitgenodigd. Wij waren verantwoordelijk voor een aantal inleidingen over Mennonieten. Ter afsluiting ervan werd in het eerder genoemde kerkje van Mala Nieszawce een oecumenische Vesper gehouden. De Nederlandse Doopsgezinden kregen hierin een ook een rol. Tijdens de viering werd door de huidige Lutherse gemeente van Torun voor de wrede onderdrukking in het verleden, excuses aangeboden aan Mennonieten en andere Protestanten, maar ook aan de Katholieken. Een prachtig gebaar en een emotioneel moment. Het was voor het eerst in de omgeving van Torun dat Lutheranen, Katholieken en Mennonieten samen een viering hielden. We schreven er hier eerder over

Plaatje compleet

Een warm welkom door ‘Mennonieten’, inclusief ‘vermaning’ uit de bijbel.

Het woonhuis van de eerste boerderij is uitgevoerd in blokhutbouw en de aangebouwde stal in baksteen. Vanouds is baksteen een veel gebruikt materiaal in Polen. Denk aan alle burchten en kastelen van de Teutoonse Ridders en aan de bakstenen stadsmuren, gebouwen en huizen in Torun en andere steden.
Zoals bij de meeste boeren-woonhuizen, ligt de keuken met schoorsteen centraal in het woongedeelte. Er omheen zijn de woonvertrekken. In een van de kamers zijn de, oorspronkelijk langs het plafond aanwezige ‘Duitse’ bijbelteksten, gerestaureerd. Er staat een fraaie tegelkachel met kroonlijst (niet verguld). Het geheel is smaakvol ingericht en ziet er piekfijn uit.
Tijdens dit feestelijke weekend waren, verspreid over het gehele terrein de nodige figuranten in negentiende eeuwse kleding ingezet. Dit maakte het plaatje compleet.
Voor de inrichting en aankleding van de gebouwen is regelmatig overleg geweest met het Museum in Nowy Dwor Gdansk en met de instanties die de Mennonieten boerderij in Chrystchow beheren.

De Mennonieten boerderij uit Niedzwiedz

Het berenhuis
Het tweede gebouw, een lange boerderij, weer met woonhuis en stal onder één dak, dateert uit eind 18e eeuw. Het ligt op een terp en is geheel uitgevoerd in houtbouw.
Het is afkomstig uit Niedzwiedz (= Beer) in het Zuidwesten van Polen. Deze boerderij grenst aan de oude Mennonieten begraafplaats gesitueerd op een heuvel in het terrein. Er is enorm veel werk verzet om deze verwaarloosde begraafplaats op te knappen, bomen te kappen, grafstenen bloot te leggen of op te richten en de ijzeren hekwerken en ornamenten te herstellen. Tot ongeveer 1945 was de begraafplaats nog in gebruik bij de Mennonieten gemeente van Nieszawca.

Op het erf tussen begraafplaats en boerderij is een waterput gegraven, volgens origineel ontwerp.
De openbare weg, aan de westzijde van de heuvel, heet Mennonieten Weg (Ul. Mennonitow).
Het interieur van de boerderij is een afspiegeling van het leven van een Mennonietenfamilie rond 1900. De inrichting van het huis is sober. Het waren landbouwers en veeboeren en ze verbouwden of verwerkten vlas. In het tuintje bij de boerderij wordt ook nu vlas geteeld.

In één van de kamers wordt op een aantal wandpanelen de geschiedenis van de Mennonieten in Polen toegelicht. In een ander vertrek staat een weefgetouw en tijdens het feestelijke openingsweekend werd er linnen geweven.
Naar de plaats waar het gebouw vandaan komt wordt dit ook wel het ‘Berenhuis’ genoemd.
De directie van het museum wil de komende jaren meer onderzoek doen naar geloof, leven en werken van de Mennonieten in Nieszawca. Op dit moment wordt er in samenwerking met de Copernicus Universiteit een familie-register opgesteld. Ik ben van mening dat wij als Nederlandse Doopsgezinden hen blijvend moeten ondersteunen met onderzoek in deze richting.

Op weg naar het volgende gebouw komt men langs een erfscheiding bestaande uit een lange greppel en fraaie gevlochten hekken van wilgen-tenen. Dit zijn karakteristieke elementen uit een ‘Olender’ nederzetting.

Alles volgens Wilkür, oftewel contract
De diepte en breedte van de greppel en de hoogte en plaats van de hekken is uitgevoerd volgens de richtlijnen uit het toenmalige pachtcontract, de zogeheten Wilkur. Dit contract werd in 1530 opgesteld door de eerste Mennonieten in de Wisla Delta. Onder andere is hierin vastgelegd dat de bewoners van een nederzetting ‘gezamenlijk’ verantwoordelijk zijn voor het beheer van de landerijen. Indertijd nieuw voor de Polen, maar vanaf dat moment bepalend voor alle volgende nederzettingen (langs rivieren). Het werd bekend als het ‘Olender’ contract en werd eind 18e eeuw, zelfs meegenomen naar Oekraïne, als bedrijfsmodel.

 

Verder lopend over het terrein stuit men op een statig toegangshek, met bakstenen pilaren, ontworpen naar de aard der tijd. De grote lange boerderij uit 1757, die hier achter ligt, heeft een zuilen-front, en er staan een aantal extra gebouwen op het erf. Het geheel laat zien hoe een bedrijf van een welvarende ‘protestantse’ boer zou zijn samengesteld. Zo is er een losse schuur (uit 1841), een aparte graanopslag met drie verdiepingen, en een arbeiders-huis (uit 1827). In de schuren zijn landbouwwerktuigen en gereedschap van vroeger te vinden en vanuit de bovenste verdieping van de graanschuur heeft men een mooi uitzicht over het gehele terrein.
Het woonhuis is uitgevoerd in blokhutbouw. De stal en schuur, ook hier weer in het verlengde van het woonhuis, zijn uitgevoerd in baksteen. Het is een karakteristieke ‘zeer lange’ boerderij.

Behang uit 1910
De inrichting, uit de periode rond 1900, toont duidelijk de welvarendheid van de boer en zijn familie. Er zijn meerdere kamers en zelfs een aparte was- en strijkkamer. Zoals in de andere boerderijen bevindt zich ook hier, centraal in huis een keuken met grote schoorsteen. In het trekgat werd o.a. vlees gerookt. En ook in de woonkamer weer een tegelkachel met fraaie kroon.
Heel speciaal in een van de ‘mooie’ kamers van dit huis, is het behang uit 1910, in prachtig Pruisisch blauw. Het behang werd op een deel van de wand van deze kamer teruggevonden. Er is een kopie gemaakt en de wanden zijn er opnieuw mee bekleed. Wat het echter zo bijzonder maakt is de originele factuur van de aankoop van de rollen behang, welke werd gevonden op de zolder van het gebouw, tijdens de afbraak.
Verder ook in dit huis weer veel zorg besteed aan het interieur en alles smaakvol ingericht.

Inclusief moestuin
Achter het zuilenfront heeft deze boerderij een extra kamer, ooit bedoeld als opslagruimte voor het graan om het droog te houden bij de jaarlijkse overstroming van de uiterwaarden. Later in gebruik als woon- of slaapvertrek. De grote zolder boven het woongedeelte is altijd in gebruik geweest als slaap- of droogplaats.
Ongetwijfeld heeft dit boerenbedrijf zijn eigen moestuin en fruitbomen gehad. Ook daarin is in het museum voorzien. In een omheind gedeelte worden ‘vergeten groenten’ gekweekt en in nauwe samenwerking met het landschapspark in Chrystkow is voor de boomgaard een keuze uit oude appelrassen gemaakt.
Tijdens het Openingsweekend konden kinderen meedoen aan spelletjes uit Grootmoeders tijd.
Touwtje springen, hoepelen, kruiwagen rijden, steltlopen, zaklopen, pitzakjes werpen en meer.

Vijf kilo bijbel op de rug
Na een goede nachtrust in het uitstekende ‘Olender’ Hotel, gingen Anne en ik de volgende dag nogmaals naar het park. Ook nu was het prachtig weer en we besloten te wandelen naar het park via de winterdijk, langs de Wisla. De 5 kilogram zware bijbel uit 1896, die wij als geschenk voor de opening zouden aanbieden, ging mee in de schoudertas.

Binnen een half uur waren we ter plaatse en er werd tijd vrij gemaakt om de oude bijbel aan te bieden. Mede namens het Internationaal Menno Simons Centrum, de Doopsgezinde Historische Kring, de Stichting Menno Simons SDMF en de Doopsgezinde Stichting Nederland Polen kon ik die overhandigen aan Ania Maslak, de directeur van het park. Zij was er bijzonder blij mee en tot tranen toe geroerd door het gebaar. De bijbel krijgt een plaatsje in het Mennonieten huis. Allen die dit gebaar mede mogelijk hebben gemaakt veel dank.

Na afloop van dit drukke weekend, hadden wij op zondagavond een informeel samenzijn met de beide directeuren Hubert en Ania.

Michal Targowski, vereerd met de Plautdietsch bijbel

Ook Michal was hierbij aanwezig. Mooi moment om hem de Plautdietsch bijbel (uit 2008) – meegekregen uit handen van Albert Bolt – aan te bieden. Michal zal hem uitlenen aan een Philologist van de Copernicus Universiteit, die is geïnteresseerd in deze bijzondere taal. Ook Jagna Wajda, ons allereerste contact in Torun, was voor dit speciale samenzijn uitgenodigd. Op aanbeveling van Arno Thimm is zij het geweest die ons in 2012 in contact bracht met Michal en zo is onze band met dit openluchtmuseum ontstaan.

 

Hoe nu verder?
Het openluchtmuseum is nog niet af en het zal zich blijven ontwikkelen.
Zo wil men meer zich meer verdiepen in leven en werken van de ‘Olender’ en met name van de Mennonieten die zich hier vestigden. Ook is er op het terrein nog plaats voor een paar gebouwen. Maar originele gebouwen van de ‘Olender’ nederzettingen zijn in Polen bijna niet meer terug te vinden. Een schooltje bijvoorbeeld, zou een prachtige aanvulling vormen op het geheel, maar volgens de inventarisatie van het Poolse TERPA: ‘Catalogue of Monuments of Dutch colonization in Poland’ is daarvan nog slecht één te vinden t.w. in Tropy Elblaski, uit 1861.
Hoe dan ook ik blijf de ontwikkeling volgen en houd contact met Ania en Michal. Er zullen nog vele vragen op ons afkomen. Waar mogelijk zal ik ze helpen met informatie en doorverwijzing naar de juiste contacten. Maar tot zover is het geweldig dat het park er staat en dat geloof en leven van de Mennonieten in Polen, op aanschouwelijke wijze onder de aandacht wordt gebracht.
Meer informatie over het museum is te vinden op
www.etnomuzeum.pl/en of volg www.facebook.com/olederskiparketnograficzny
Er is een Engelse folder over het museum verschenen. Interesse? Mail: hazevoet@gmail.com.

Terugkijken hoe het er vier jaar eerder uitzag? Dat kan hier.

Hollandse Doopsgezinden, vreemde maar wel naaste buren

Door Antoinette Hazevoet

dsc_1754-2Van 22-23 september 2016 vond nabij Torun in Polen, een congres plaats over ‘Olenders’, onze vreemde en toch naaste buren’. Het werd georganiseerd door ‘Fois ANRO’ een Poolse NGO samen met de Nikolaus Kopernicus Universiteit van Torun en was in alle opzichten een succes. De belangstelling uit diverse geledingen: lokale bevolking, wetenschap en overheid, overtrof met meer dan 120 aanwezigen, alle verwachtingen. De betrokkenheid bij het onderwerp was groot.

Drie doopsgezinde ‘Hollanders’ waren uitgenodigd om elk hun eigen verhaal te vertellen over de ‘Olender’ buren, die zich in het begin van de 16e eeuw vanuit Nederland als Dopersen in de Vistula delta vestigden.

Eyeopener
Ds. Pieter Post gaf een korte toelichting op wat het doopsgezind geloof inhoudt. Voor veel van de aanwezigen was dat een ‘eyeopener’. In Polen waren ooit veel Mennonieten, maar nu kent men er nog nauwelijks voorbeelden van.
Hajo Hajonides voerde namens het Internationaal Menno Simons Centrum een pleidooi voor het onderhouden en uitbreiden van contacten en het leggen van verbindingen met Doopsgezinden uit Europa. En Antoinette Hazevoet stipte vanuit haar ervaringen met www.eumen.net, de verschillen en overeenkomsten in doperse geloofsopvatting binnen het doopsgezinde Europa van nu, aan.
Ook de positie van Henk Stenvers, als Europees Coördinator voor de MWC, werd bij de lezingen betrokken. De doopsgezinde Stichting Nederland-Polen keek achter de schermen mee.

14390931_884502378316671_1311348988201125273_n-6Oecomenische viering
De tweede dag kreeg het congres een vervolg met een mini Openluchtspel over Mennonieten. De hierna geplande oecumenische viering in het voormalig Mennonieten kerkje in Nieszawka werd een gezamenlijk optreden van een Katholieke priester en hulppastor, een Lutherse predikant en een Doopsgezinde predikant, i.c. Pieter Post. Tot slot een ‘Slowfood Mennonite’ buffet voor 80 personen, op de veranda van het nabijgelegen Dorpshuis, inclusief muziek.

Olender Openlucht Museum
Mede aanleiding voor het organiseren van het congres was het in 2017 te openen ‘Olender’ Openlucht Museum in Nieszawka, in de bovenstroomse uiterwaarden van de Vistula. De Mennotour ging er in 2014 al langs (zie link).

Onlangs verzorgde de lokale televisie een documentaire over dit park. (In het Pools.)

Ander daglicht
Al met al was het congres de moeite van alle inspanningen waard. Er is een duidelijke stap gezet om het begrip ‘Olender’ en ‘Mennonite’ in een ander daglicht te plaatsen en niet alleen te gebruiken als toeristische attractie. En er zijn nieuwe contacten gelegd om vanuit doopsgezind Europa meer verbinding met Polen te onderhouden.
Bekijk hier het verslag van Telewizja Torun (Opent in nieuw venster.)

Van de in totaal dertien voordrachten, zal een (Pools/Engels) boekje worden samengesteld. En binnenkort zijn de lezingen ook te vinden op www.foisanro.pl.

Twee Amsterdammers op onderzoek

MiekeThijsDoor Thijs van Hoogstraten

“Moet je weten…”, zei de gastvrouw nogal geheimzinnig “… er zijn in deze stad namelijk archieven van Mennoniete herkomst, die nog nooit zijn onderzocht – dat zou eigenlijk eens moeten gebeuren voor ze naar het buitenland verdwijnen!” Plaats van handeling was de stad Lviv, vroeger Lvov of Lemberg, in West-Oekraïne. De aangesprokene was Mieke Krebber, deelneemster aan de Mennotour, derde traject.
“Maar ja, het archief is in de zomer wel dicht.”

Mieke liet dit alles niet los, haar nieuwsgierigheid was gewekt. Zou er in Lviv dan echt een “geheime kamer” zijn, onbeschreven en lang niet betreden, waar we de hele geschiedenis van de lokale doopsgezinden konden doorvorsen?

(Dit artikel verscheen eerder in IDA, in dit Amsterdam, maandblad van de Verenigde Doopsgezinde Gemeente Amsterdam – zomer 2015)

32De geschiedenis was die van de Duitse doopsgezinden in Galicië. In 1784 riep Keizer Joseph II van Oostenrijk kolonisten op van diverse pluimage, om het net door hem verworven Galicië te gaan ontginnen en bebouwen. Ook 28 doopsgezinde, Duitse families uit de Pfaltz vonden zo hun weg naar de streken rond Lemberg en begonnen daar enkele kolonies waaronder Einsiedel (foto), Falkenstein en Rosenberg. Vrijgesteld werden ze van militaire dienst, als ze het braakliggend land maar wilden ontginnen en vruchtbaar maken. Met redelijk succes ontstond zo een aantal Mennoniete kolonies, vrij in het geloven, en met al hun zorgen en kleine onenigheden.

Niet onbeschreven gebleven
In de tachtiger jaren van de negentiende eeuw emigreerde de helft van deze mensen naar de VS en Canada, maar de – nog altijd Duits sprekende – gemeenschappen bleven bestaan, ook toen Lemberg rond 1919 deel werd van Polen.
12Toen Polen werd opgedeeld in 1939 viel de stad toe aan de Sovjet Unie en “remigreerde” men, niet van harte, terug naar Duitsland. De Duitse bezetting van Lemberg, de genadeloze verdrijving en vernietiging van de Joden, de toedeling aan de Sovjet Unie en de huidige zelfstandigheid van Oekraïne hebben deze broeders en zusters daar niet meer beleefd. Wel wonen er nog vele nazaten in de Nieuwe Wereld. Gelukkig is de geschiedenis van deze kleine groep uit de Mennoniete familie niet onbeschreven gebleven.
In 1934 en 1984 verschenen zeer leesbare gedenkboeken. (Peter Bachmann, 1784-1934 Mennoniten in Kleinpolen. Gedenkbuch zur Erinnerung an die Einwandering der Mennoniten nach Kleinpolen (Galizien) vor 150 Jahren,  Lemberg 1934. En Arnold Bachmann,  Galiziens Mennoniten im Wandel der Zeiten , Weierhof Marnheim, 1984)

Op zoek naar de “geheime kamer”
16Gesteund door een aanbeveling van de Protestantse  Theologische Universiteit en met de hulp van een lokale hoogleraar, wagen we met zijn tweeën een bezoek aan Lviv, in de eerste week van juni. We hebben de nodige literatuur boven water kunnen krijgen, onder meer uit onze eigen VDGA-bibliotheek, opgenomen in de Bijzondere Collecties aan de UvA. Wat een prachtige stad overigens, vol historische kerken en pleinen, en met zelfs een heus operagebouw. Het lijkt er van buiten op dat oorlogen en Sovjettijd toch weinig schade hebben gebracht.

Maar voor ons telt de vraag: zullen we een “geheime kamer” vinden? Met daarin, bijvoorbeeld, brieven, theologische discussies, verhalen over de emigratie, het kerkblad, dat heeft bestaan van 1900 tot 1940, foto’s, en misschien zelfs verslagen van de jeugdvereniging (ook die bestond) en kerkenraad? Ja, zo stellen wij ons dat, licht naïef, voor. Hoewel, de berichten uit Lviv zijn, uiteindelijk, toch vrij vaag…

Oude kloosters, geen elektra
Op 2 juni krijgen we een introductie voor de beide staatsarchieven die zich in Lviv bevinden. Het eerste dekt de Oostenrijkse tijd, het tweede de tijd van de Poolse republiek. Beide archieven zijn gevestigd in oude kloosters vol trappen en gangen, vrij duister, want door een tekort in de kas wordt er zo weinig mogelijk elektra gebruikt. In de winter is er geen verwarming; de onderzoekers houden in de winterkou hun jas en handschoenen aan, zo wordt ons verteld.

02De inschrijving is een hele procedure met paspoort en formulieren in cyrillisch schrift, ook voor het maken van foto’s. Enig geduld wordt wel gevraagd. Maar we worden vaardig bijgestaan door onze gastvrouw prof. Lyubashenko (op foto rechts), en door onze lokale gids Nazari Petriv, student kerkgeschiedenis, in het bijzonder de baptisten tussen 1920 en 1940. Nazari blijkt de hele week een onmisbare en voortreffelijke steun. En ook de medewerksters ontdooien van dag tot dag en worden steeds aardiger. De directeur van één van de archieven spreekt vloeiend Frans, dat helpt ook.

En zo blijkt het al snel: er is helemaal geen “geheime kamer”. De archieven die we mogen raadplegen, zijn keurig gecatalogiseerd en geïnventariseerd. Niet online, zoals bij ons, maar wel in inventarissen, deels handgeschreven, deels getypt, opgemaakt in de jaren vijftig tot zeventig, het hart van de Sovjettijd. Wel is nodig dat je goed Oekraïens leest… en dat doen we dus niet. Wel een beetje Russisch, dat helpt. De documenten zelf zijn veel in het Duits of het Pools.

Achter de schutting?
En wat vinden we dan, als we met hulp van Nazari zo’n zestig dossiers hebben aangevraagd? Heel weinig, het moet gezegd. We kijken in archieven van politie en justitie, trouwaktes, vergunningen, kadaster, onderwijs, allerhande verzoekschriften, etc. maar van de Mennoniete zaak vinden we nauwelijks iets. Leefden ze toch een beetje achter een schutting?
Dat is de stelling van Hans Christian Heinz, een Duitse publicist die we daar treffen. Hij blijkt veel te weten van de Duitse aanwezigheid in Lemberg, door de eeuwen heen. Hij kent onze literatuur, en weet van de “Bund der Christlichen  Deutschen in Galizien” die ook nog heeft bestaan. Hij is zelf één van de sterke mannen van de huidige Duits Galicische Vereniging. Hij belooft ons vanachter koffie en taart op een terras van alles te sturen.

Toch zijn er wel een paar interessante vondsten. Zo moesten kerkgenootschappen  toestemming (erkenning) vragen voor hun statuten, als ze meer dan 100 leden hadden . Dat was in de Oostenrijkse tijd al zo en ook in de latere Poolse tijd. Die erkenning hebben  de Mennonieten uiteindelijk pas in de 20e eeuw  aangevraagd.
00KiernicaWe vinden statuten van de Mennonitische gemeente Kiernicza-Lemberg, daterend van 1907; onduidelijk is of ze ooit zijn goedgekeurd.  Ook vinden we het blad van de  “Christliche Deutschen” en een paar andere stukken. (Maar de eigenlijke kerkarchieven zijn mogelijk in Warschau of in Duitsland, leren we later….).
Uiteindelijk komen we thuis met foto’s van ruim 100 documenten, alles om nog verder uit te zoeken.  We hopen het klaar te spelen een rapport te maken voor het Wereldcongres, waar we – wie weet – wel nazaten zullen ontmoeten.

27Niet zonder Koran…
Maar we waren ook in een land met een reusachtig conflict en een gat in de begroting. Het was heerlijk weer, de terrassen zaten vol, maar ook stonden er een geëxplodeerd busje en een tank te kijk, als memento. Op de tv zag je debatten in het parlement, onder andere met Julia Timashenko, nu volksvertegenwoordiger.
Onze gids vertelde van zijn zuster die, op de Krim wonende, de keuze had gemaakt Russin te worden; en wat dat haar dat gekost heeft, te weten de onmogelijkheid haar Oekraïense familie nog te bezoeken. En op het archief hing, in het duister, een fotoreportage over de gebeurtenissen op Maidan in Kiev in 2014. En zo kon het ook zijn dat ik opeens via Nazari te gast was bij de opening van een Islamitisch centrum, ook gericht op hulp aan de Krim-Tartaren die daarvandaan weer vluchten.
Zeer hartelijk – zonder een Koran kwam ik niet weg.

Ja dit was echt een proefproject, vol indrukken. Je ziet maar weer: de geschiedenis roept je altijd op, om het heden beter te begrijpen, ook als het heden zich daar in Oekraïne, niet helemaal laat doorgronden. Kortom: ga ook eens naar Lviv ! Het is een prachtige stad , Europa lijkt iets dichterbij dan het verre Rusland. De archieven hebben wij al voor u mogen bezoeken, maar er is heel veel ander moois te zien, dat u niet onberoerd zal laten .

Thijs van Hoogstraten

Ook een quiz-je doen?

Tijdens de Global Youth Summit (Pennsylvania 2015) is aandacht besteed aan de Menno tour… via een quiz in Powerpoint, met een drietal momenten waarop de zaal in discussie kon gaan (en twee videootjes om het gezellig te maken). Even meekijken?
De tekst is natuurlijk in het Engels 🙂
Om de uitleg te kunnen lezen, die bij de presentatie gegeven werd, klik op de titel van de show onder onderstaande presentatie – voor een directe link naar Slide Share – en klik daar onder de presentatie op Notes…

Leg 4: Vienna – Detmold

Migration Tour Leg 4 (Vienna, AU – Detmold, G): August 21 – August 30, 2014

By Anne de Jong

RouteThe final leg of the Migrationtour, covering Austria and Germany, led us (team 4: Henk Freie, Anne de Jong, Jan Maarten Koeman, Vicky van der Linden) through a varied and wide landscape of mennonite congregations. In Austria the congregations were started by missionaries of the American-Canadian Mennoniten Brüder Mission (Mennonite Brethren Mission). In the Palatinate and in South-Germany the congregations are more traditional. West-Prussian refugees started their own congregations after WWII. In the 1970s and 80s congregations were started by returning ‘Russlandddeutsche’. The amount of members varies as well. The Mennoniten Brüdergemeinden (Congregations of Mennonite Brethren) established by the mennonites who returned from Russia, found mainly in Central Germany, are large. The Austrian Mennonitische Freikirche (Mennonite Free Church) has small congregations. Some congregations have more than 800 members and might need two churches to fit them all in.

4Spiritual Climate
What all these congregations have in common is their warmth, their hospitality and their liveliness. When we visited the congregations of Weierhof and Enkenbach, everyone we met was around 50 years of age. In all other congregations though, all ages were represented. Large networks of volunteers keep these communities going. Spiritually through bible groups, Sunday services, prayer groups and mission. Practically through the maintenance of the buildings. Almost all denominations are growing. Only very few people have a paid position. These are often the elders and the people who take care of the buildings, or who have responsibilities regarding organising and coordinating, like in Lemgo. The pietistic Mennoniten Brüdergemeinden send missionaries abroad. These are paid as well.

Screen shot 2014-08-26 at 11.14.22Culture
Singing unites! Congregations often have various choirs for all age groups. In Frankenthal we counted no less than five choirs, all consisting of 50-70 members. In Detmold a Sunday service without a choir singing is unheard of. Concerning openness, there are remarkable differences. At the wrap-up of the tour, in Detmold on August 31 2014, we experienced a striking openness, whereas other congregations, like Frankenthal are more withdrawn. Connection doesn’t always mean that you want to be in contact with everyone. Sometimes a congregation can be focused inwards because of the stigma of being : ‘an outcast’ or ‘illegal’. In those situations connection means a longing for shelter, safety and protection instead of fear. This can make a congregation decide to withdraw from outside influence, including withdrawing from people within the European mennonite family who have different ideas. This in turn can also lead to fragmentation.

oesterreichkarteIn Austria one mission effort led to the birth of several congregations. Most of these no longer call themselves mennonite. However, these Christians still work together with other Freikirchen, but mostly only when dealing with the government. For a background to this phenomenon, please look up the Austrian stories on http://www.eumen.net To read more about the large diversity of relationships, unions and fellowships in Germany, look up the stories about Central Germany.
Of course we also encountered the elements of our faith we all share: Adult baptism, the peace witness, and the idea that your faith is a way of life.

On the website ‘Welcome to Mennonite Europe‘, a few themes are being highlighted. Whilst traveling we (all teams) asked ourselves if we recognised them in our journey, and if so, how?
We try to summarize the answers below…

8Faith
We noticed that for the mennonites we met, faith and the life of the congregation are much more intertwined than in the Netherlands.
In Linz we were told the story of a man who, as a child, ended up in a refugeecamp after WWII. He experienced the aid work of the Mennonite Central Committee and ended up joining the freshly established Mennoniten Brüdergemeinde.

The old Mennonitengemeinden in Germany do initiate ecumenical cooperation. This is local, informal and non-committal.

In Augsburg the members of the congregation are actively involved in ecumenical activities.

Compassion
Caring for each other is a given. The Mennoniten Brüdergemeinden show compassion mainly through mission work, and various forms of practical aid work and assistance in the community.

26(In)Tolerance
Some observations: A dress code for women. In many Mennoniten Brüdergemeinde men and women are seated separately. People don’t talk about sexuality. Basically, gender equality is not visible. However, we still encountered two congregations with a female churchleaders.
Augsburg is a Free Imperial City where freedom has always been highly regarded. It is also the city of the Augsburger Bekenntnis (Augsburg Confession). Through this document the division of power between the Emperor, the Roman Catholic Church and the Lutheran church was determined. It also led to the establishment of an independent Lutheran church.

Just Peace
The peace witness is seen as important by all mennonites. But is it also expressed through active reconciliation? A few congregations have contact with people of other cultures. Mennoniten Brüdergemeinden have sent missionaries to Muslim countries. The goal is very much conversion. Aid is just a means to an end.

13Fellowship
Wherever we went we encountered hospitality as well as an abundance of food. In people’s homes, in restaurants and in congregations. When it comes to fellowship we felt at home everywhere.

Resilience
Resilience shines through in the story of the congregations that came to Germany in the 1980s and 90s, broke. They built a new existence and new congregations. An example: The Mennoniten Brüder in Detmold started a few elementary schools and one high school for their own youth. But because of the high level of education they offer, many others wanted to go to their schools as well. Sometimes us travellers also managed to be resilient for and with each other.

Reconciliation
As mentioned before: especially in Augsburg you’ll find a lot of cooperation between mennonites and other churches on the subject of peace. An impetus was given by the commemoration of the Augsburger Confession of 1530, a few years ago, and by the reconciliation between mennonites and the lutheran Evangelical Church.

Confidence
A big and happy event. A baptism through full-on immersion in Ingolstadt. Trusting in the water from which you will rise again. But especially: trusting those who enter the water with you. They carry you so you won’t go under, and they help you re-emerge from the water so you can start a new life with Christ through baptism.

06A final word
Connection and the future: What can European mennonites learn from each other?
Connection? Definitely! We only have to think of that old mennonite who grew up in Crimea, ended up in Ingolstadt, and revisited the country of his birth a few year ago. Think of the family tree on a roll of paper over four metres long, densely written, including all the family branches, going back eleven generations, all the way back to Switzerland. Think of the stack of commemorative signs, telling whole stories of family relations. The mennonite city walk in Vienna. And, of course, the Museum für Russlanddeutsche Geschichte (Museum of the history of the Russlanddeutsche) in Detmold, which brings to life the mennonites’ journey to Russia and back again.

But what does the future hold? How will we proceed? In the congregations of Detmold, Bielefeld and surrounding area, we see (youth) choirs working together. German mennonites are going to the Netherlands for short exchange visits. Will the Mennoniten Brüdergemeinden take small steps towards connecting to the Mennonite World Congress? Will the Bund Taufgesinnter Gemeinden (German Union of Mennonite Congregations) take part in the MERK? Who in Weierhof will take over Gary Waltner’s responsibility for the mennonitische Forschungstelle (mennonite research centre)?

Finding answers together
There is more that connects us than separates us. Our many encounters meant that set ideas originating in the past were challenged and maybe changed. This created enthusiasm, hope and new inspiration, both for the hosts and the Dutch fellowship.
Let us use this new openness, and the tentative links we’ve made, in a positive way. Maybe Dutch theology students could do an internship in German (Mennoniten Brüder-) congregations? Not to turn Dutch congregations into Brüdergemeinden, but to learn from each other, to be inspired by each other. The Netherlands already welcomes such foreign students.
In the same vein the Mennoniten Brüdergemeinden could learn something from our experiences. The time of growth, of flourishing, of large networks and mission, can devolve into a time of decreasing growth, ageing and stagnation. The Netherlands has been struggling with these problems for at least 50 years.
Maybe we can find answers together!

Leg 3: Warsaw – Vienna

Migration Tour Leg 3, (Warsaw, P – Vienna, AU), August 1 – 21 August, 2014

By Marijke Koeman

RouteIn Warsaw team 3 (Hylke Bergsma, Sjoukje Halbertsma, Marijke Koeman, Mieke Krebber, Puck Yntema, Elma Laan) took over from team 2. We were given a warm welcome at the Dutch embassy and attended an impressive remembrance of the Polish uprising of WWII. Some of our Polish contacts were present as well.

MH17From the ‘old’ war to the present
Then we had to make a quick switch from the war of the past to the war happening in the present. The conflict in eastern Ukraine had been on our minds for quite a while already, and had created some doubts about the exact route that would be taken for the third leg of the tour. But now a Malaysian plane was shot down, and 198 Dutch people had died. And it’s true what they said: every Dutch person knows someone – or knows someone who knows someone – who died in that crash. This was also true for our team.
After much deliberation, two members of team 2, who had planned to travel the third leg of the tour as well, decided to go home early because of the circumstances.

Five new travelers had arrived from the Netherlands, and decisions needed to be made about the route to be taken. We had already abandoned the original plan, which was to travel via western Ukraine, visit the capital Kiev (to visit the embassy), and then go south to eastern Ukraine to visit the well known mennonite settlements in and around Chortitza and Molotschna. Some of these settlements were in an area for which the Dutch government had announced a travel warning. So what to do instead?
We chose to focus all our attention on western Ukraine – where there’s still a lot to explore – and drop Kiev.

Confusion about history and words
07Thus started a journey filled with a lot of confusion about history and words. Are ‘Holendry’ always Dutch people – or are they also Germans who worked with a ‘Holendry’ land tenancy agreement? Is ‘reformiert’ also mennonite, or not, and lutheran instead? Were (all) ‘Germans’ really mennonites, or not?
Was that ‘last Holendry’ we met in that village really Dutch? She didn’t know herself, she was still there because she had never owned any official documents…and her name was Elsa (photo). Elas Tichler, or Tigler, or Tichla, or Tichelaar or something like that. Which sounds very Dutch.
From Ukraine Magazine, Spring 2004: “The communists only wanted to give exit visas to the people who could prove their Dutch (and non-German) background. The pivotal question, which would come back time and time again all through the 20th century, was: Are the mennonites in Ukraine and Russia of Dutch or of German origin?
Many Dutch and German specialists had heated debates about this, and other, similar questions. Is the language of the mennonites – Plautdietsch – A Dutch/Frisian or a German dialect? After 1918, did the mennonites call themselves ‘Dutch’ purely for survival, or are they truly Dutch? In 1920 it was decided to use the 1913 thesis of the Polish Felicia Szper as a starting point to decide who was mennonite or not.. Published in the Netherlands, her thesis mentioned a list of names of Dutch mennonites. This enabled 20.000 people to emigrate to Canada, where they were warmly received by their fellow mennonites.”

09We met Elsa in Oleshkovychi, in a (now) baptist church, once an evangelical-lutheran church. Our guide Michailo Kostiuk (photo) knows a lot about the lutheran history in western Ukraine, or Volhynia – once Polish. Michailo had just returned from a visit to Siberia.

He and the man who started the Umsiedlermuseum in Lintow near Berlin – completely dedicated to Volhynia, which we visited too, went there together to write down the stories of those exiled by Stalin.

 

 

27One night in 1939
And time and again we were confronted with the phrase ‘one night in 1939’. Which was the night when all ‘Germans’ (i.e. Mennonites) ‘disappeared’ – this was a consequence of the Ribbentrop-Molotow-Pact, the non-aggression pact between Nazi-Germany and ‘Stalin’s’ USSR. In this pact new borders were drawn and all ‘Germans’ would allegedly be evacuated to German territory.
We also visited places where we hoped to find traces of a mennonite past: intact graveyards, but also graveyards where the stones had been used as foundations for new houses. Sometimes these places were only recognizable (by the locals) because of special fruit trees or shrubs – which grew nowhere else in the area. We were given a warm welcome – but they saw us as yet another group of Germans who, after the fall of the Iron Curtain, had come looking for the roots of their ancestors. There is no religious link.

Einsiedel
12And then…suddenly: a graveyard that is a protected memorial site. Beautifully maintained, managed by the principal of the elementary school of the Einsiedel village! (written phonetically as Ansiedel).

Names on the gravestones that sound familiar to us: Rupp, Friesen, Muller.

 
The village consists of one long, wide road, farmhouses on either side, farmland behind the houses. In the middle of the street, in the centre of the village, there is a still-working well…
This is a place we should connect with.

02Close to three hundred!
These villages are not 30 kilometres away from Lviv (or Lvov, or Lemberg). Later in Lviv we spoke with professor Viktoriya Lyubaschenko (photo). We told her about visiting the three settlements and she said: “Three? There were close to three hundred!” Lyubaschenko knows what can be found in the archives – and warns us: ‘They’re disappearing! A Ukrainian archivist doesn’t get paid much, and there are enough people who like to pay good money for old, historical documents…”.
We have promised her to send help from the Netherlands to make an inventory and to digitalise the archives. The first volunteer already came forward during the conversation… It turned out there are only very few people in Lviv who can still decipher the documents written in old-German. But that shouldn’t be difficult for us, right?

06When you travel on a Sunday you see how religious this country is. The Orthodox churches were filled to the brim – people were even attending the service standing outside.
We’ll never forget the chipper, happy expression on the face of the hotel manager at one of our stops. He had read our popular brochure (photo) thoroughly, and returned enthusiastically. Especially the part about the separation of church and state made him happy. His country needed that too.
If we had been willing and able, he would have agreed to being baptised right there and then.

Tensions
02Though we didn’t notice it much in everyday life, Ukraine is suffering a lot from the civil war in the East. Talking to the residents of a village that supposedly once housed mennonites, a woman told us about the death of one of the younger villagers. He was in the army – and last week he had returned in a coffin.
The Interpreter, our guide, other bystanders, they all were in tears. The woman said she hardly left her house anymore. She never went far from her TV and almost lived in her radio.. In every conversation we could feel the tension. Everybody feared that their father, brother or son would soon be called up for active duty: the men themselves were raring to go. Our pacifist ideas didn’t go down well, they were met with scorn.

To Taüfer country
15Via Krakow in Poland, where we were reminded of the horrors of war during our visit to the permanent WWII exhibition in in Oskar Schindler’s factory, we arrived in the south of the Czech Republic – Moravia.
We visited the open air museum in Niedersulz and to Falkenstein Castle in neighbouring Austria. Here we got to know the very active Austrian ‘Taüfer’ who brought Anabaptist history to the fore again. Both places have exhibitions about Anabaptists in this part of Europe – not Mennonites but Hutterites – which are well worth a visit.

 

 

15In Vienna we met a lively and very ‘alive’ mennonite congregation. A ‘Taüferische’ tour of the city, with Alexander Basnar as our guide, made us realise that Vienna is wrongly known as the catholic capital of Austria. That might be so today, but…

On the website ‘Welcome to Mennonite Europe’, a few themes are being highlighted. Whilst traveling we (all teams) asked ourselves if we recognised them in our journey, and if so, how?
We try to summarize the answers below…

Faith
37… in the heroic history of this last Christian stronghold during the siege by the barbaric Ottomans, the radical ‘reformers’ could boast an impressive past.
We were deeply impressed by the stories of the Taüfer who, even in the face of Islamic barbarians coming straight at them, refused to take up arms – and thus lost their lives. You’ll never find that attitude in these times, now that IS(IS) – according to the media at least – is standing at Europe’s door.

Compassion
05In the Ukrainian village of Kiernica, one very old eye witness (photo) still got teary-eyed when recounting the story of an old grandma left alone in the village. During the sudden evacuation of the ‘Germans’ the old grandma’s family left her behind, thinking they would return. She swore to us that the grandma was very well taken care of by the entire village until the day she died.
We were also told more than once that there had been a difference between living together with the ‘Germans’ of (presumably) mennonite origin, and other ‘Germans’ – those who had emigrated for financial reasons. The religious group was talked about with much love, whereas living with the other group had created more tension.

(In) Tolerance
In Krakow we met Wiktor Szymborski, teacher at the faculty of history of the Jagiellonian University – a specialist on the reformation in the 16th century. Wiktor was an excellent and nuanced narrator. He managed to explain quickly which sensitivities exist between which religions and groups in Polish society (Polish, German, Russian, Ukrainian, Swedish, Catholic, Jewish, Protestant, Anabaptist, Hussite) when they arose, and why. He gave a scientific foundation to our historical journey…and he made us understand why it took us almost four hours to cross the border between Poland and Ukraine – and why we saw such sour, grim and bored faces.
War – and nationalism – does much more damage (and for much longer) than you might think.

Just Peace
12We noted that the disappearance of the Iron Curtain seems to have created a space for a new way of dealing with the past: history, especially WWII, is being looked at from a new, fresh perspective, stripped of ideological, centrally imposed rules.
For instance, a group of friends in Mikulov (Nickolsburg) have taken it upon themselves to preserve the town’s Jewish history through a permanent exhibition in the large synagogue, and a thorough cleaning-up of the enormous cemetery. Peace gives you more space than you think – it’s more than a time between two wars (Free after Jan Terlouw, writer and politician).

 

 

Fellowship
Traveling through Ukraine was pleasant: it’s a warm (and in summer hot) country, with a very hospitable population.
But crossing the border from Poland into Ukraine makes it very clear why the country wants to join the EU. Once you’ve crossed the border, you travel 20 years back into time – 40 years in the countryside.
Traveling through Poland, and later through the Czech Republic – after having experienced Ukraine – gave a sense of ‘European brotherhood’ (although that might not be the idea behind the mennonite theme of fellowship).
All the way till Moravia, where the ‘Taüfer’ arrived straight from Switzerland instead of via the Netherlands, we traveled through a ‘Dutch landscape’. Flat, rivers, dikes, ditches, and every now and then a lock or a windmill. We felt at home there – and were happy with the progress we saw.

Resilience
We found a lot of resilience in the mennonite congregation of Vienna. For a long time non- catholic denominations in Austria faced a lot of difficulties and were not recognized by the state. A year ago that changed. The Mennonitische Freikirche Österreich (Mennonite Free-church of Austria) became part of the officially recognised Religious Union of Austrian Free Churches.
Austrian mennonites do not spring from the old tradition, but instead have grown out of the activities of North-American mennonites who came to Austria to help rebuild the country after WWII.
However, when we met the congregation we didn’t feel that they were ‘new’ : everything felt so familiar….so mennonite.

Reconciliation
40The desire to live in a spirit of reconciliation was always present in the conversations we had in the Ukrainian countryside. Often the population had lived together with the ‘Germans’. And more and more these ‘Germans’ came back there, looking for the roots of their ancestors. We were often perceived that way too: ‘Germans’ searching for their past. If you know the history this area has with the country Germany, you can’t be anything but pleasantly surprised by the warm welcome we received.

Confidence
We had confidence in each other, and in the project. The third leg of the tour didn’t start under favourable circumstances… Even during our journey we had to find local guides, (new) places to stay – in the middle of the holiday season as well. Sometimes it was difficult to find a place to stay the night.
Still, looking back, we have seen and discovered a lot: enough to work with and expand on in the future.

Leg 2: Leeuwarden – Warsaw

Migration Tour Leg 2 (Leeuwarden, Nl – Warsaw, P) July 13 – August 2, 2014

By Marijke Koeman

RoutePart 2 of the tour started in Leeuwarden, on a hot Sunday (and it would be hot every day, all the way to our final destination, Warsaw).The Leeuwarden congregation gave a warm welcome to team 1. Team 2 (Sonja van Berkum, Aart Hoogcarspel, Henk Freie, Karin Janze, Marijke Koeman, Janneke, Jasper Pondman en Helmich de Vries) was given a sense of the many personal connections they would be making over the next two weeks.

Leg 2 took place at the height of summer. This was made obvious by the temperatures, but also by the amount of people left for us to meet. A large part of the congregation was away on holiday. That’s the downside of a project like this one: the volunteers are only available in the summer holiday…

18This leg would take us through the North of the Netherlands, where we would spend the night at host families and in churches. Everywhere we stayed we found the table filled with wonderful, healthy food. (What’s the deal with Mennonites the world over and their excellent, healthy food?)

From there we’d travel through Northern Germany, Berlin and three locations in Poland.

The places we visited gradually changed in atmosphere. In the modern, lively congregations in Leeuwarden, Rottevalle/Buitenpost and the city of Groningen, everything ‘smelled like home’. Crossing the border into Germany, we visited Emden and Norden. Thankfully some of the older members of the congregations were not away on holiday.

07In the Johannes a Lasco library in Emden (photo) we were amazed by the amount of knowledge (and documents) about the history of the mennonites. The impressive Auswanderermuseum in Bremerhafen connected us to brothers and sisters in Hamburg, and later in Berlin.

Common thread: refugees
There was one common thread: In the North of the Netherlands the congregations were actively involved in refugee aid (for instance helping refugees from Syria). In Germany we came face to face with actual refugees: elderly people who as children had to flee East- Prussia under horrible circumstances. In some cases, because of our visit, and our desire for their stories, they talked about it for the first time. That’s how powerful connecting with people can be…

Emotions, silence
04Telling their stories evoked strong emotions in these brothers and sisters. This made us see how profoundly ‘fleeing’ affects people, much more than we often realise. Hearing their stories also emphasised how important it is that the congregation in Rottevalle has stayed in close contact with ‘their’ refugees.
At the same time it was interesting to notice how the past was very much not discussed. In Berlin we never talked about the city’s past. While visiting the memorial at the Bernauerstrasse, we talked about the relationship between mennonites of East and West Berlin during the DDR-era. The young pastor seemed shocked to hear an older congregation member say that ‘of course the Easter-Germany leadership was Stasi- controlled’. Later they checked the archives to confirm, but they haven’t done anything with this information (yet).

Mennonite heritage
When we entered Poland the journey became much more centred around history. On our way to Poland the Dutch consul in Gdanks let us know that the last Polish mennonite, Krystyna Weilandt, had died at the age of 90. The warm welcome we received from our German hosts, we now received from our Polish guides, who had extensive knowledge of local mennonite heritage.

Meeting point
08In Torun our first stay was in a not yet officially open, international conference centre/hotel. Built by the local council in (part of) a complex of old, abandoned grain factories. We were allowed to try it out. The young travelers of our group took to it immediately. Now this is a place where you can have international encounters! Beautiful private rooms, large dorms, communal kitchens, but also a theatre/sports hall, an internet cafe, rooms for meetings and presentations, and even bikes you can borrow – and a science museum next door!
The desire to give a new impulse to (international) youth work had already come up in conversations we had before, with the young pastors Isabel Mans in Hamburg and Joel Driedger in Berlin.

24Torun has a high ‘mennonite-quotient’. An almost finished open air museum in Mala Nieszawka which shows the history of the Polish mennonites, and a veritable treasure trove of documents and materials in its city archives. But that was only the beginning.
In the ‘wetlands’ behind Gdansk, in Nowy Dwor Gdanski, we encountered even more potential mennonite tourist attractions. In one of our blog updates we posted about ‘A mennonite farm’. This led to a careful comment from the Netherlands: “Wishing you lots of success with your journey of discovery – but please be critical when it comes to things being marked as mennonite. The label ‘Mennonitisch’ become immediate bestsellers in Poland, so be aware that not everything marked ‘Mennonitisch’ is actually mennonite.”

Mennonici
20We took this warning, by a person who knew the area, seriously and looked more critically at the things we were shown. We did indeed see a lot of things posted as Mennonici… When the first Polish ‘Mennonite Cook Book’ was presented at our last stop, Warsaw, even we ourselves were put on display : “Look, real mennonites, they do still exist!”
The Polish know the mennonites-of-the-past as farmers, managers and developers of land, businessmen, builders. But in this predominantly Catholic country there is no true awareness of the mennonites’ religious background.
Something to work on…

On the website ‘Welcome to Mennonite Europe‘, a few themes are being highlighted. Whilst traveling we (all teams) asked ourselves if we recognised them in our journey, and if so, how?
We try to summarize the answers below…

Faith
11Whilst visiting the many graveyards, looking for names of the past, we did sometimes get a feeling of ‘sectarianism’ (or exclusivity). This lead to a discussion: how mennonite are you if you’re not from a mennonite family/background? A ‘new mennonite’ told us how difficult it was for her to find a place within the congregation with her ‘wrong surname’.

How open is the mennonite community?

 

 

 

DSC_0197Compassion
The stories of the Rottevalle congregation, where refugees are welcomed with such care and love, were impressive. The congregation still takes a keen interest in the life and future of the refugees they once helped. We also heard compassion in the words of our Polish guide in the museum in Nowi Dwor Gdansky. We were shocked by old black and white pictures of mennonites who openly sided with the German occupiers. “Don’t be too hard on them, they were completely ‘courted’ by the Germans who loved it here with all these German-speaking folks. And these mennonites really didn’t have much of a clue of what was going on in the wider world…” Still, it was difficult for us.

(In-) Tolerance
05Should it be put under this header? Anyway, we were moved by the activities of the City of Hamburg, who decided that in the new quarter of Hafencity they wouldn’t build lots of new churches, but only one. Nineteen churches are involved in this project, headed by a mennonite pastor.
Clearly the sharp-edged distinctions that used to exist between denominations have (finally) softened, and a true Ecumenical congregation can be built. The tolerance between the churches is strong enough.
A good development?

Just Peace
40This mennonite term usually refers to activities in the area of peace and social justice. We saw the mennonites in Groningen organise help for the underprivileged, both Dutch and foreign. There wasn’t a congregation where there wouldn’t be a bite to eat or some other kind of support for those who need it.
We also learnt important lessons about the so-called ‘pacifism’ of the mennonites. How could it be that in East-Prussia, the mennonites, of all people, joined Hitler’s army? A mennonite in Hamburg, who used to live in East-Prussia, explained: “For generations, the mennonites paid off army service. Fathers paid to keep their sons out of the army. The money the army made of the bribes, was even used to build a military academy in Chelmno… (photo) In the minds of mennonites conscious objection no longer existed: for generations no one talked about it…It had disappeared from the public conscience completely. When the German army entered East-Prussia, the soldiers spoke the same language, looked nice, spoke politely and brought much German culture with them. Based on this, our Polish guides told us, joining the Nazi army didn’t seem a problem at all, maybe even quite attractive…
A lesson for the future?

Fellowship
06The 2nd leg of the tour had a very happy start: beautiful summer weather in Friesland, Groningen and Northern-Germany/Berlin. The host families and congregations were very welcoming. And even though it was the height of the holiday season, those who were (still) at home opened their houses and kitchens to us.
And even in the non-mennonite contacts we had in Poland, there was a feeling of kinship – maybe that of being ‘European’? The ‘state’ of Poland was a pleasant surprise to us. It’s a country where a lot is happening, a lot of progress in being made, and where the people are open and friendly.

Though the expanding (chemical) industrial city of Plock did make us feel uneasy: it was our guide’s hometown, but he didn’t really like it that much anymore, he said…The large groups of rough-looking motorbike gangs gathered in the central square at the end of the day, and the prominent police presence, gave the impression that some less pleasant movements are also active in Poland…

04Resilience
Hearing the stories of the emigrants from East-Prussia, and seeing their lives today, offers a living proof of resilience. In Hamburg we were already thoroughly briefed about our visit to the Vistula delta. Former refugees from that area now live in Hamburg. After having processed the horrors of having to flee from the delta when they were young, they had found the strength revisit their birthplace. Now they go there often, and they have developed relationships with the people who live in the houses or work the land that once belonged to their families. These relationships have often turned into warm friendships.

Reconciliation
20The story above could have been under this header. But we encountered more reconciliation…The enthusiastic Horst Krüger told us about the work of the reconciliation church right on the former border between East and West Berlin (photo).
Where once the earth was pumped full of chemicals so not a single blade of grass would grow, where the original reconciliation church had been bulldozed completely, now wheat is growing.  Right in the city centre.
And the crop is used to make ‘peace bread’ – sold worldwide.
It could have been a mennonite initiative.

Confidence
That is what we felt, through our meetings with a few younger pastors and church-workers within the various congregations: confidence that the mennonite spiritual legacy – together with the mennonite heritage (which they take excellent care of in Poland) – is in good hands.

Leg 1: Zürich – Leeuwarden

Migration Tour Leg 1 (Zürich, CH – Leeuwarden, NL): June 26 – July 14, 2014

By Pieter Post

RouteFor the first leg of the tour, team 1 (Antoinette Hazevoet, Henk Freie, Jan Blanksma and Pieter Post) visited, both in Switzerland and the Alsace, historical refuges and locations where the persecuted Anabaptists would hide, or were sometimes executed. We stood on the quays and riverbanks where they set sail for the Netherlands (1711).
In our own country, the Netherlands, we discovered The Polish Court in the Frisian city of Franeker, where Anabaptists gathered to migrate to a better life in Poland. In Franeker we also visited the first mennonite church (1740) which was built in such a way that the congregation could easily escape at a moment’s notice.A tangible witness to the religious and political intolerance and fear of those days.

2The Schleitheim Confession, written in 1527 by Michael Sattler, made us discuss whether this historical document still has meaning for our (international) identity, and whether it can still inspire us.

Connections
In the many encounters we had, we noticed that when building relationships within the international fellowship, ‘connecting’ is an important value. We as Dutch mennonites felt a warm bond with the Swiss and Alsatian mennonites, and with our Calvinist host families. The Calvinist/reformed families showed a genuine interest in mennonite history. Their guilt about the persecutions that happened centuries ago, made them interested in Mennonite history, and led them to build a permanent exhibition on the subject
The Swiss Täuferjahr (Anabaptist year – 2007) was an important reason for this initiative. In that year many reconciliatory meetings were held between mennonites and Reformed believers, governments and churches. These meetings really struck a chord with many non-mennonites.

SAMSUNG CAMERA PICTURESNew movements
Connecting to people is especially challenging when it comes to empathising with religious ideas that differ from your own. That doesn’t only go for the foreigners who come to visit, but also, maybe even more so, for the new evangelical-charismatic movements which are currently arising in the congregations, and don’t match the traditions of the older generation. Connecting to others also means working to understand the ideas behind other people’s practices. For instance the very prescriptive differences between what men and women can and should do, both in the family and in the congregation.

SAMSUNG CAMERA PICTURESThe role of women
We talked about women as preachers, also with women who are not yet allowed to preach. We talked about our hosts’ ideas on relationships, both in and outside of marriage. These subjects are no longer an issue in some countries, but in others they are still very relevant. These conversations, which often took place at abundantly filled tables, where always incredibly interesting. People listened, learned, respected and reflected.
In talks with our more conservative brothers and sisters, both parties were often very willing to talk quite in-depth about the more liberal way of life, with a view to get rid of some of the prejudices both parties held.

Openess
It was interesting to notice that these brother ands sisters talked more openly about their personal experience of faith than we did.
The conflict of interest between the historically inspired older members, and the more evangelically-minded youth, made us wonder whether a religious community that doesn’t know its history, can have a future. ‘What is the role of history in the way religious experience develops? This question is also an issue in the Dutch congregations’ relationship with their younger members.

SAMSUNG CAMERA PICTURESNot everyone has a clear answer to this issue. Could this be because the connection between faith and secular history is less of a requirement to experience religion, while the link between faith and biblical history is? And why shouldn’t the evangelically-minded youth of Switzerland and the Alsace be given every support to develop their own way of experiencing their faith? After all, the first Anabaptists didn’t look to 15 centuries of church history for inspiration, they went straight to the gospel.

Also, how bad is it really for the identity of a mennonite congregation, when the name ‘mennonite’ disappears from the sign on the church? Do we want to build congregations where we can practice being human, or is being mennonite a goal in and of itself?

Sowing
What might remain is the awareness that one should ‘sow’, spread the gospel. This was also the subject of the church service in Leeuwarden, the end of our journey, and the start of the next leg of the tour (Leeuwarden-Warschau). Also, the visiting preacher in Colmar- Ingersheim told us that ‘God’s mathematics isn’t that of humans’. This trip gave us a lot to reflect on…

On the website ‘Welcome to Mennonite Europe‘, a few themes are being highlighted. Whilst traveling we (all teams) asked ourselves if we recognised them in our journey, and if so, how?
We try to summarize the answers below…

30 juni Tauferversteck TrubFaith
We were very impressed by the story of one of our young hosts in Emmental (Hinter Hütten, Trub). She was touched by the story of her anabaptist ancestors who used to live on her farm (surname Frankenhaus). She set up a permanent exhibition about them. In her personal life she’d suffered lots of blows, but God gave her the strength to continue with the exhibition, which gives her a real sense of fulfillment.

The French mennonite congregations have accepted a general confession of faith, which is made up of several articles of Faith. Members being baptised do support these, but also still make a personal statement of faith.
The authentic document which contains the Schleitheim Confession does also come under the header of ‘Faith’.

Compassion
We saw a lot of compassion in the stories of the Swiss mennonites who memorated the way their brothers and sisters were cared for when they fled to the Netherlands (1700- 1711); compassion in action by the Dutch. Compassion was also evident in the mennonites of Montbéliard, who established the La Prairie centre to help the unemployed workers of the Peugeot car factory. We experienced a very special kind of compassion in a church service in Colmar-Ingersheim, where the members of the congregation sang a song especially for a brother or sister they had visited the week before. In Geisberg (Wissembourg area) a few sister talked about their active involvement in volunteering and social work.

(In)Tolerance
28 juni Zuerich hier werd felix mantz verdronkenAt the height of the persecutions, Reformed Swiss farmers, in spite of the religious differences between the groups, warned their Anabaptist neighbours when a raid was about to happen. This way the mennonites could flee to the mountains. Looking at the present, we discovered how difficult gender equality still is in some congregations. Women preachers are ‘condoned’ in the countryside. Still, there is a sense of real change happening, just not one supported by all members of every congregation.

Ideas about who should and shouldn’t preach can, and still do, create schisms. Some members choose to no longer go to church. For example, there are Alttäufer congregations and Neutäufer congregations, where the latter do not allow for conversations with outsiders about the content of their faith. Services are only open to their own members, and there is a dress code (women wear a head scarf). When it comes to LGBQT issues, they preach abstinence. Other congregations, mainly in the cities, have a more liberal standpoint.

Just Peace
In conversations, people sometimes referred to a Swiss referendum of a few years ago, which rejected the building of minarets on mosques. The Swiss fear that foreigners from inside and outside of Europe will steal their jobs, and will become a dominant part of society. In Zürich and Bern we were struck by the ‘whiteness’ of the population, in contrast to a city like Amsterdam. The hijabis could be counted on the fingers of one hand.
Some people we talked to were all for joining the EU, hoping to end the self-imposed isolation of Switzerland. Others feared ‘Brussels’ would demand the system of cantons to be abolished. This would not only create a complex constitutional issue, but would also come at the expense of the Swiss autonomy.

Fellowship
140703 030The hospitality we felt with all our host families, the dinner invitations (Langnau/ Colmar- Ingersheim), the outdoor singing with the choir of Sonnenberg (Tramelan), the discussion with a preacher in the small hours of the night, about the meaning of gender equality (‘Too bad you have to leave already, come back in September!’), the explanations of a very old brother who made the link between the Dutch mennonites and Amish in ‘his’ archive/library in the mennonite care home (Valdoie), and so, so much more. We experienced fellowship as an expression of a connection which was established either through common traditions, or inspired by values of faith. Really it already started in Thomashof (Karlsruhe),South Germany, where we passed through on our first day: “Why don’t you spend the night here?”

Resilience
Test met tentenSometimes you have to muster it from deep within yourself. What about camping in tiny tents in a three-day downpour? Eating, drinking and cooking in between two bins? No showers for a few days? That too is resilience. But, who are we to complain, when we compare it to suddenly having to leave your home like the Anabaptists, and having to flee towards an uncertain future?

What really struck us in the Jura was a plain, now the meeting place of the Sonnenberg (Jeanguisboden) congregation. The canton of Bern decided they wanted to get rid of the Anabaptists and banned them to this plain. The idea being that this would automatically lead to their eventual extinction. But the mennonites managed to make a living on the plain, by developing and working the land, and by building farms. They managed to create new life in an area that was supposedly barren.

We also think of the mennonite refugee who fled Poland right after the end of WWII. We recorded a conversation with her, about her experience as an 8-year old girl who experienced getting bombarded during her flight, and losing a brother and a sister. We talked about how she survived. She told us that if you want to survive, resilience can save you.

Reconciliation
SAMSUNG CAMERA PICTURESWhat reconciliation can do, was made clear to us by the host families who were clearly of Reformed descent. They told us: “We don’t want you to stay with us, we insist on it!” The Täuferjahr (2007) had moved an older farmer from a lutheran family to build a small but permanent exhibition in Schleitheim, about the early years of Anabaptism. He even goes so far as to travel all over the country in his search for authentic and original mennonite documents. His expertise showed when he told a story about the anabaptists and their relation to the government. The ‘other’ telling your story as if it were theirs, that is what reconciliation meetings can achieve.

Confidence
SAMSUNG CAMERA PICTURESIn Sainte Marie aux Mines, in the Jura, you can find a street named after Jacob Amman, ‘Rue Jacob Amman’. This is where a new anabaptist movement arose, which still carries his name: the Amish. The strict ways they set themselves apart from the world are expressed in their clothes, their overall appearance, their horses and their buggies. They surrendered to Jacob completely.
We also visited the Tauferhöle in Bäretswil. Rumour has it that in this cave farmers on the run found a refuge. The same kind of refuge was also pointed out to us in the Alsace, right in the middle of a vineyard.

Another striking example of confidence was the trust that the older members of the congregation of Geisberg gave to the younger generation. They sounded less worried that the congregations in Langnau and Ingersheim. In Geisberg the youth were given ample room to express their faith, no matter how evangelical.

On our journey we often had to find a place for the night on the day itself, but we too, had confidence that we would always find shelter. And we did.

Traject 4: Wenen – Detmold

Migratietoer traject 4 (Wenen, AU – Detmold, D): 21 augustus –30 augustus, 2014

Door Anne de Jong

RouteHet laatste traject van de Migratietour door Oostenrijk en Duitsland leidde ons (Henk Freie, Anne de Jong, Jan Maarten Koeman, Vicky van der Linden) door een zeer gevarieerd en wijds landschap van mennonietengemeenten. Zo zijn er in Oostenrijk zendingsgemeenten ontstaan vanuit de Amerikaans-Canadese Mennoniten Brüder Mission; in Zuid Duitsland en de Pfalz vinden we de meer traditionele gemeenten; dan zijn er gemeenten na de Tweede Wereldoorlog opgericht door West Pruisische vluchtelingen; en ten slotte gemeenten ontstaan na de terugkeer van ‘Russlandddeutschen’. Wat het ledental betreft, ook dat varieert. De Mennoniten Brüdergemeinden van uit Rusland teruggekeerde mennonieten in, o.m. centraal Duitsland, vormen grotere gemeenschappen dan, bijvoorbeeld, de Oostenrijkse Mennonitische Freikirche. Sommige gemeenten tellen meer dan 800 leden, waarvoor ze soms twee kerken in gebruik hebben.

4Geestelijk klimaat
Wat al deze gemeenten gemeen hebben is hartelijkheid, gastvrijheid, en vooral levendigheid. Op de gemeenten Weierhof en Enkenbach na, waar de ondergrens bij de ontmoetingen ongeveer vijftig jaar was, zijn overal alle generaties vertegenwoordigd en houden grote netwerken van vrijwilligers de gemeenschappen draaiende, zowel op inhoudelijk terrein via bijbelgroepen, diensten, gebedsbijeenkomsten en zending, alsook op de terreinen van het dagelijkse materiële onderhoud.
In vrijwel alle denominaties is er sprake van groei. Betaalde medewerkers zijn er weinig. Vaak zijn dat oudsten en beheerders van het kerkgebouw, met organisatorische en coördinerende verantwoordelijkheden, zoals in Lemgo. Andere vrijgestelden zijn zendelingen die met name via de door het Piëtisme beïnvloedde Mennoniten Brüdergemeinden naar het buitenland worden uitgezonden.

Screen shot 2014-08-26 at 11.14.22Cultuur
Zingen verbindt! Gemeenten hebben vaak koren voor alle leeftijdsgroepen. In Frankental maar liefst vijf koren van tussen de vijftig en zeventig leden. En in Detmold is er geen zondagse eredienst denkbaar zonder koorzang. Wat de openheid aangaat, zijn er opmerkelijke verschillen. Bij de afsluiting van de Migratieroute op 31 augustus 2014, ervoeren we in Detmold een opvallende openheid, terwijl andere gemeenten, zoals in Frankenthal, meer de afzondering verkiezen. Verbinding betekent niet per se met iedereen in contact willen staan. Soms kan afzondering het gevolg zijn van het stigma ‘een verstotene’ of ‘een illegaal’ te zijn geweest. Dan is verbinding verlangen naar beschutting, zekerheid en geborgenheid in plaats van angst. Voor de invloed van de buitenwereld, inclusief van andersdenkenden binnen de Europese mennonieten familie, kan een gemeente dan kiezen voor afzondering.
Dit kan ook versplintering tot effect hebben.

oesterreichkarteIn Oostenrijk ontstonden uit één zendingsactiviteit enkele gemeenten, waarvan de meesten zich niet meer ‘mennoniet’ noemen. Deze christenen werken sporadisch samen met andere Freikirchen, meestal alleen in het overleg met de overheid.
Uiteraard vielen ons gemeenschappelijke geloofskenmerken op: de volwassenendoop, het vredesgetuigenis, en het besef dat geloven een manier van leven is.

Op de website ‘Welkom in Dopers Europa’ verschijnt een aantal identiteitsthema’s. Wij hebben ons op onze toer afgevraagd of we die thema’s ook onderweg hebben herkend. En zo ja, waaruit en hoe bleken die dan? In het volgende proberen we dit te verwoorden aan de hand van ervaringen en waarnemingen.

8Geloof
Het viel ons op dat geloof en gemeenteleven voor mennonieten die wij ontmoetten nauwer met elkaar verweven zijn dan in Nederland.
In Linz hoorden we het verhaal van een man die na de Tweede Wereldoorlog als kind in het vluchtelingenkamp terechtkwam, het hulpwerk van Mennonite Central Committee meemaakte en zich uiteindelijk bij de pas opgerichte Mennoniten Brüdergemeinde aansloot.
Oecumenische samenwerking is er vanuit de oude Mennonitengemeinden in Duitsland plaatselijk, informeel en vrijblijvend.
In Augsburg is er een actieve betrokkenheid bij de oecumene.

Compassie
Zorg voor elkaar is vanzelfsprekend. Vanuit de Mennoniten Brüdergemeinden krijgt compassie vooral vorm via zending, en via diverse vormen van praktisch hulpwerk en hulpverlening.

26Tolerantie/intolerantie
Enkele waarnemingen. ‘Kledingvoorschriften’ voor vrouwen. In veel Mennoniten Brüdergemeinden zitten mannen en vrouwen gescheiden. Over seksualiteit is nergens gesproken. Kortom, in het algemeen is emancipatie niet vanzelfsprekend. Toch maakten we in twee gemeenten kennis met een vrouwelijke voorganger.
Augsburg is een vrijstad waar tolerantie hoog stond aangeschreven. Is ook de stad van de Augsburger Bekenntnis, waarin de machtsverdeling tussen de keizer, de Rooms Katholieke kerk en de Evangelisch Lutherse kerk is geregeld en de Lutherse kerk een zelfstandige kerk werd.

Rechtvaardige vrede
Overal wordt het vredesgetuigenis belangrijk gevonden. Maar betekent dat ook verzoening? Incidenteel zijn er in gemeenten contacten met mensen uit andere culturen. In Mennoniten Brüdergemeinden zijn zendelingen uitgezonden naar moslimlanden. Het doel is nadrukkelijk bekering. Hulpverlening is een hulpmiddel.

13Broederschap
Gastvrijheid hebben we overal gevonden, evenals overvloedig eten. Bij mensen thuis, in een restaurant, of in de gemeente. We hebben ons in dat opzicht overal thuis gevoeld.

Veerkracht
Veerkracht is het verhaal van gemeenten die in de jaren 1980 en 1990 berooid naar Duitsland kwamen, een nieuw bestaan opbouwden en nieuwe gemeenten oprichtten. Bijvoorbeeld: Mennoniten Brüder in Detmold slaagden erin om een aantal basisscholen en een eigen scholengemeenschap voor middelbaar onderwijs op te richten, voor hun eigen kinderen. Maar gezien de hoge kwaliteit van het onderwijs, zijn ook vele anderen hier naar school gegaan. Veerkracht: dat wisten we soms ook voor elkaar op te brengen.

Verzoening
Het werd al even genoemd: vooral in Augsburg is er samenwerking met de andere kerken op het gebied van de vrede. Aanleiding was de herdenking van de Augsburger Bekenntnis van 1530, enkele jaren geleden, en de verzoening tussen mennonieten en de lutherse Evangelische Kirche.

Vertrouwen
Een groot feest. Een doopdienst in Ingolstadt door onderdompeling. Vertrouwen in het water waaruit je weer verrijzen zult, maar vooral: vertrouwen in de voorgangers die samen met jou het water ingaan, je dragen opdat je niet ten ondergaat en je helpen verrijzen uit het water, zodat je als gedoopte aan een nieuw leven met Christus kunt beginnen.

Tenslotte
Verbinding en de toekomst: Wat kunnen de Europese mennonieten van elkaar leren? Verbinding? Jazeker!
06Al denken we maar aan die oude mennoniet die in de Krim was opgegroeid, in Ingolstadt was terechtgekomen en enkele jaren geleden terug ging naar zijn geboortegrond. En aan die stamboom op een rol papier van meer dan vier meter lang, dicht beschreven, met alle vertakkingen van de familie, tot elf generaties terug in Zwitserland.
Of aan die stapel wandborden die hele verhalen vertellen over familiebanden. Aan die doperse stadswandeling in Wenen. En natuurlijk, aan het Museum für Russlanddeutsche Geschichte te Detmold, dat de trek van mennonieten naar Rusland en weer terug naar Duitsland levendig maakt.

Maar hoe verder? In de gemeenten Detmold, Bielefeld en omgeving, zijn openingen voor verdere ontmoeting en samenwerking op het gebied van (jeugd-)koren, en vrijwilligerswerk vanuit Duitsland in Nederland. En zullen de Mennoniten Brüdergemeinden voorzichtig verbinding maken met het Doopsgezind Wereldcongres? Zal de Bund Taufgesinnter Gemeinden aan de MERK deelnemen? En wie neemt in Weierhof de verantwoordelijkheid voor de mennonitische Forschungstelle in de toekomst van Gary Waltner over?

Samen antwoorden vinden
Er is meer dat ons verbindt dan dat ons scheidt. Door de vele ontmoetingen werden vastgeroeste beelden uit het verleden bijgesteld. Dit werkte enthousiasmerend en gaf hoop en nieuwe inspiratie, ook voor onze broederschap in Nederland.
Laten we positief gebruik maken van de gegroeide openheid, en van de voorzichtige contacten die hier en daar gelegd zijn. Waarom zouden Nederlandse theologiestudenten niet stage kunnen lopen in Duitse (Mennoniten Brüder-) gemeenten? Niet om Brüdergemeinden van de Nederlandse gemeenten te maken, maar om van elkaar te leren, en inspiratie op te doen. In Nederland worden buitenlandse studenten al verwelkomd.
Omgekeerd kunnen misschien ook de Mennoniten Brüdergemeinden van ons leren. De tijd van bloei, en opbloei, van grote netwerken en van zending, kan immers overgaan in een tijd van afname van groei, van vergrijzing en van stagnatie, zaken waarmee in Nederland inmiddels al meer 50 jaar wordt geworsteld.
Wie weet zijn er samen antwoorden te vinden!

Traject 3: Warschau – Wenen

Migratietoer traject 3 (Warschau, P – Wenen, AU), 1 augustus – 21 augustus 2014

Door Marijke Koeman

RouteIn Warschau wisselde team 3 (Hylke Bergsma, Sjoukje Halbertsma, Marijke Koeman, Mieke Krebber, Puck Yntema, Elma Laan) het vorige team 2 af – na een warme ontvangst in de Nederlandse ambassade en een indrukwekkende herdenking, mét alle Poolse contacten die zich er ook hadden gemeld, van de Poolse opstand 70 jaar geleden.

MH17Van de oorlog van toen naar de oorlog van nu
Het gewapende conflict in oost Oekraïne had al lang de gemoederen beziggehouden en twijfels aan de te volgen route gezaaid. Maar nu was ook een Maleisisch vliegtuig neergeschoten en waren 198 Nederlanders om het leven gekomen.
Het is waar: iedere Nederlander kent wel iemand – of kent iemand die iemand kent – die slachtoffer werd. Zo ook in onze ploeg.
Na veel wikken en wegen besloten twee deelnemers uit team 2, die ook door zouden reizen met traject 3, daar in verband met de ontwikkelingen van af te zien.

Inmiddels waren vanuit Nederland vijf nieuwe reizigers aangekomen en moesten knopen worden doorgehakt omtrent de route. Het oorspronkelijke plan, om via west Oekraïne, de hoofdstad Kiev (voor een bezoek aan de ambassade) en dan weer zuidwaarts naar oost Oekraïne en de bekende mennonieten nederzettingen in en rondom Chortiza en Molotschna aan te doen, was al verlaten. Een deel van de nederzettingen ligt in een gebied waar een negatief reisadvies van de Nederlandse overheid gold. Wat dan te doen?
Er werd voor gekozen om alle aandacht nu te richten op west Oekraïne – waar nog veel te ontdekken valt – en Kiev te laten vallen.

Geschiedkundige (spraak)verwarring
07En zo begon een reis vol grote geschiedkundige (spraak)verwarring. Zijn ‘Holendry’ altijd Hollanders – of zijn het ook Duitsers die met een ‘Holendry’ pachtovereenkomst werkzaam waren? Is ‘reformiert’ ook doopsgezind, of juist niet, maar luthers? Waren die ‘Duitsers’ eigenlijk mennonieten, of niet (allemaal)?
Was die ‘laatste Holendry’ uit het dorp Hollands? Ze wist het zelf niet: ze was er nog omdat ze nooit papieren had gehad… en ze heette Elsa (foto). Elsa Tichler, of Tigler, of Tichla, of Tichelaar of zoiets. En dat klinkt Hollands.
Uit Oekraïne Magazine Voorjaar 2004: De communisten wilden alleen uitreisvisa verstrekken aan mensen die hun Nederlandse (en niet-Duitse) afkomst konden bewijzen. De cruciale vraag vanaf die tijd, die de hele 20e eeuw zou blijven opspelen, was: Zijn de doopsgezinden in Oekraïne en Rusland van Nederlandse of van Duitse origine?
Vele Nederlandse en Duitse specialisten hebben zich in verhitte debatten gestort over deze vraag en andere, soortgelijke discussies. Is de taal van de mennonieten – het Plautdietsch – een Nederlands/Fries of een Duits dialect? Hebben de doopsgezinden zich na 1918 uit pure overlevingsdrang ‘Nederlanders’ genoemd of zijn ze inderdaad Nederlanders? In 1920 besloot men het in Nederland gepubliceerde proefschrift van de Poolse Felicia Szper uit 1913 als uitgangspunt te nemen, en met name de daarin vermelde Nederlandse mennonietennamen. Twintigduizend mensen mochten zo naar Canada overkomen waar hun geloofsgenoten hen gastvrij ontvingen.

09We kwamen Elsa tegen in Oleshkovychi, in een (nu) baptistenkerk en ooit een evangelisch-lutherische kerk. Onze begeleider Michailo Kostiuk (foto) is een kenner van de lutherse geschiedenis in west Oekraïne, oftewel Wolhyniën – ooit Pools.
En hij was net met de oprichter van het ook door ons bezochte Umsiedlermuseum in Lintow boven Berlijn – geheel gewijd aan Wolhyniën – op bezoek geweest in Siberië om er verhalen op te tekenen van de door Stalin verdrevenen daar.

 

 

 

Op een nacht in 1939
En telkens weer werden we geconfronteerd met ‘op een nacht in 1939’. Toen ‘verdwenen’ opeens alle ‘Duitsers’, alle mennonieten – als gevolg van het Ribbentrop-Molotow-Pact, het niet-aanvalsverdrag tussen nazi-Duitsland en Stalins’ USSR, waarbij nieuwe landgrenzen werden getrokken en alle ‘Duitsers’ zogenaamd geëvacueerd werden naar Duits gebied.
27We bezochten ook plekken waar mogelijk nog resten te vinden waren van vroegere mennonieten: begraafplaatsen, een verdwenen begraafplaats waar de stenen waren gebruikt voor de fundamenten van nieuwe huizen. Soms waren de plekken alleen nog (door de lokale bevolking) te herkennen aan bijzondere fruitbomen of struiken – die verder nergens in de omgeving voorkomen. Zíj ontvingen ons zeer hartelijk – maar zagen ons als die andere Duitsers die, nu het IJzeren Gordijn toch echt geslecht is, op zoek gaan naar de wortels van hun voorvaderen.
Een religieus verband is er niet.

02Einsiedel
En dan… opeens: een begraafplaats onder Denkmalschütz, keurig onderhouden, onder leiding van het hoofd van de lagere school van het dorp Einsiedel! (fonetisch opgeschreven als Ansiedel).
Namen op de grafstenen die ons bekend klinken: Rupp, Friesen, Muller.
Het dorp is een langgerekte brede straat, met boerenhuizen waarachter het boerenland.
Midden in de straat, het dorp, staat een nog functionerende waterput… Hier ligt een plek waarmee een verbinding tot stand zou moeten komen.

00EinsiedelWel driehonderd!
De dorpen liggen op nog geen 30 kilometer afstand van Lviv (of Lvov, of Lemberg). Later spraken we in Lviv met professor Viktoriya Lyubaschenko. Ze hoort van ons bezoek aan de drie nederzettingen en roept uit: ‘Drie? Er waren er wel driehónderd!’
Lyubaschenko weet wat er in de archieven besloten is – en waarschuwde ons. ‘Het verdwijnt! Een Oekraïense archivaris krijgt niet zoveel betaald, en er zijn genoeg mensen die wel wat over hebben voor oude, historische documenten…’.
We hebben haar beloofd steun te sturen vanuit Nederland, om te inventariseren en te digitaliseren, de eerste vrijwilligster stak ter plekke haar hand al op… Er bleek weinig mankracht aanwezig in Lviv dat in staat is de in oud-Duitse opgestelde documenten te ontcijferen.
Maar dat kost óns toch niet zoveel moeite?

06Reizend op een zondag zagen we hoe godsdienstig dit land is. De orthodoxe kerken puilden uit – tot buiten stonden mensen de dienst te volgen.
Onvergetelijk was de opgetogen, vrolijke uitdrukking op het gezicht van de hoteleigenaar in één van de pleisterplaatsen. Hij had onze populaire folder (foto) goed gelezen en kwam enthousiast terug. Vooral het zinnetje over volledige scheiding van Staat en Kerk maakte hem vrolijk. Dát moesten zij ook hebben.
Hadden we het gekund en gewild: hij had zich ter plekke laten dopen…

Spanningen
Al merkten we er niet dagelijks veel van: de Oekraïner gaat zwaar gebukt onder de burgeroorlog in het oosten. Tijdens een gesprek in een dorp waar ooit mennonieten gehuisd moeten hebben, vertelde een vrouw over de dood van één van de jonge dorpsgenoten. Hij was in het leger – en vorige week in een kist teruggekomen.
Tolk, begeleider, alle andere omstanders, ze waren in tranen. De vrouw zei haar huis amper meer te verlaten, ze lééfde bij haar TV en bijna ín haar radio…
In íeder gesprek was spanning te voelen. Iedereen vreesde dat vader, broer of zoon binnenkort onder de wapens geroepen zou worden: de mannen zelf stonden al te trappelen. Onze pacifistische uitgangspunten vielen niet in goede aarde, werden eerder met hoon bejegend.

Naar het gebied der Taüfer
01Via het Poolse Krakau, waar de verschrikkingen die oorlog inhouden ons nog eens duidelijk werden bij het bezoek aan de permanente WO II-tentoonstelling in de fabriek van Oskar Schindler, kwamen we terecht in zuid Tsjechië – of Moravië. De uitstapjes naar het openlucht museum in Niedersulz en de Falkenstein burcht, net over de grens in Oostenrijk, deden ons kennismaken met de actieve Oostenrijkse ‘Taüfer’, die de anabaptistengeschiedenis weer tot leven hebben geroepen. Op beide plekken zijn zeer bezienswaardige tentoonstellingen over het doperdom – niet Mennonitisch maar Hutterer – in dit deel van Europa.

15In Wenen werden we weer geconfronteerd met een levende en levendige doopsgezinde gemeente. Een ‘Taüferische’ rondleiding door de stad onder leiding van Alexander Basnar deed ons inzien dat deze stad ten onrechte als katholieke hoofdstad van Oostenrijk wordt neergezet. Dat mag vandaag de dag dan wel waar zijn, maar…

 

Op de website ‘Welkom in Dopers Europa’ verschijnt een aantal identiteitsthema’s. Wij hebben ons op onze toer afgevraagd of we die thema’s ook onderweg hebben herkend. En zo ja, waaruit en hoe bleken die dan? In het volgende proberen we dit te verwoorden aan de hand van ervaringen en waarnemingen.

37Geloof
…. in het heroïsche verleden van dit laatste bolwerk van christenen dat belegerd werd door de barbaarse Ottomanen, hadden de radicale ‘hervormers’ een indrukwekkend verleden.
Diepe indruk maakte het verhaal over de Taüfer die zelfs in het aangezicht van de aanstormende moslimbarbaren weigerden de wapens op te nemen – en dus verbrand werden.
Kom daar maar eens om in deze tijd, nu IS(IS) – volgens de media – aan de poorten van Europa rammelt.

05Compassie
Eén hoogst bejaarde ooggetuige in het Oekraïense dorp Kiernica (foto) kreeg nóg tranen in de ogen toen ze ons vertelde dat in 1939, bij de overhaaste evacuatie van alle ‘Duitsers’, een oude oma was achtergelaten: de familie dacht terug te kunnen komen. Ze drukte ons op ‘t hart dat het hele dorp ervoor gezorgd had dat de oude vrouw tot aan haar dood goed verzorgd was.
Overigens hoorden we vaker dat er een verschil was geweest in het samenleven met ‘Duitsers’ van (vermoedelijk) doopsgezinde herkomst en andere ‘Duitsers’ – zij die om economische redenen zich elders hadden gevestigd. Men sprak met liefde over de religieus geïnspireerde vreemdelingen, met de andere groep waren er meer spanningen…

(In-)Tolerantie
We ontmoetten in Krakau Wiktor Szymborski, docent aan de faculteit Geschiedenis van de Jagiellonian University – en gespecialiseerd in onder meer de reformatie in de zestiende eeuw. Wiktor was een uitstekend en genuanceerd verteller en wist ons in korte tijd uit te leggen welke gevoeligheden er liggen tussen verschillende religies en bevolkingsgroepen (van Pools, Duits, Russisch, Oekraïens, Zweeds, Katholiek, Joods, Protestants tot Anabaptist of Hussiet), wanneer ze ontstonden, en waardoor. Het gaf onze historische reis een wetenschappelijke bodem… en begrip waarom we bijna vier uur nodig hadden om de grens tussen Oekraïne en Polen over te komen – en de zure, grimmige en verveelde gezichten die we zagen.
Oorlog – en nationalisme – maakt méér kapot (en veel langer) dan je denkt…

12(Rechtvaardige) Vrede
Opmerkelijk was dat met het optrekken van het IJzeren Gordijn er ruimte lijkt voor een nieuwe Vergangenheitsbewältigung: de geschiedenis, vooral ook die van de Tweede Wereldoorlog, lijken vanuit een nieuw, vers, van ideologische, centraal opgelegde spelregels ontdaan perspectief bekeken te worden. Zo heeft een vriendengroep in Mikulov (Nickolsburg) het op zich genomen om het Joodse verleden te bewaren met een permanente tentoonstelling in de grootste sjoel en een flinke opknapbeurt van de enorme begraafplaats daar.
Vrede geeft meer ruimte dan je denkt – en is meer dan een periode tussen twee oorlogen in (vrij naar Jan Terlouw, schrijver en politicus).

 

Broederschap
Reizen door Oekraïne was aangenaam: het is een warm (in de zomer héét) land, met een uitermate gastvrije bevolking.
Maar de overgang van Polen naar Oekraïne liet ons duidelijk voelen waarom het land aansluiting wil bij de Europese Unie. Wie de grens oversteekt, wordt minstens 20 jaar in ontwikkeling teruggeworpen – op het platteland wel 40! De reis door Polen, en later ook door Tsjechië – met de ervaring in Oekraïne – gaf een gevoel van ‘Europese broederschap’ (al is dit doopsgezinde thema-kopje hier misschien niet zo bedoeld).
Tót aan Moravië, waar de ‘Taüfer’ niet via Nederland kwamen maar rechtstreeks uit Zwitserland, reisden we door een ‘Nederlands landschap’, vlak, met rivieren, dijken, sloten en hier en daar een sluis of molen. We voelden er ons thuis – en waren gelukkig met de vooruitgang die we zagen.

Veerkracht
Dat was nadrukkelijk aanwezig in de doopsgezinde gemeente in Wenen. Lange tijd hadden niet-katholieke geloofsgemeenschappen het in Oostenrijk moeilijk en werden ze niet van staatswege erkend. Daar kwam een jaar geleden verandering in en zo werd de Mennonitische Freikirche Österreich officieel Teil der – door de staat erkende – Religionsgesellschaft Freikirchen in Österreich.
Oostenrijkse mennonieten komen niet voort uit een oude traditie, maar hebben zich ontwikkeld in navolging van Amerikaanse doopsgezinden die na de Tweede Wereldoorlog in Oostenrijk hulp kwamen verlenen.
Dat er hier sprake is van een relatief nieuwe gemeenschap, was aan de ontmoeting niet te merken: het voelde zó vertrouwd… écht doopsgezind.

40Verzoening
De behoefte om dat uit te stralen, voelde je in de gesprekken met de Oekraïners op het platteland. Men had er ooit met ‘Duitsers’ samengeleefd. En er komen er steeds vaker weer langs, op zoek naar de familiewortels. Ook wij werden vaak zo gezien: ‘Duitsers’ op zoek naar hun verleden.
Wie het Duitse verleden in dit stukje wereld kent, kan niet anders dan verrast zijn door de warme onthaal die we er kregen.

Vertrouwen
Dat is wat wíj hadden… in elkaar en in het project. Traject 3 was niet onder een gunstig gesternte van start gegaan… Nog tijdens de reis moesten (nieuwe) afspraken gemaakt worden voor onderkomens en lokale begeleiding – en dat in een periode waarin de vakantie-gekte volledig had toegeslagen. Slaapplaatsen waren soms moeilijk te vinden.
Toch is er, terugziend, heel veel gezien en ontdekt: voldoende om voorlopig nog verder mee aan de slag te gaan.